Scroll 3 - Sectie 12 - Honens verbanning

① Honen staat op het punt zijn kluis te verlaten met bestemming de provincie Tosa op het eiland Shikoku ② Honens volgelingen, vervuld van tranen van verdriet ③ Een andere groep van zijn volgelingen ④ De dragers van de draagstoel (palankijn) ⑤ Lekenvolgelingen die afscheid nemen van Honen ⑥ Politie-inspecteur Hisatsune ⑦ Politie-officier Taketsugu, die Honen gaat escorteren naar Shikoku Image Map
Scroll 3 - Sectie 12 - Honens verbanning

    Honen staat op het punt zijn kluis te verlaten met bestemming de provincie Tosa op het eiland Shikoku
    Honens volgelingen, vervuld van tranen van verdriet
    Een andere groep van zijn volgelingen
    De dragers van de draagstoel (palankijn)
    Lekenvolgelingen die afscheid nemen van Honen
    Politie-inspecteur Hisatsune
    Politie-officier Taketsugu, die Honen gaat escorteren naar Shikoku 

Hoofdstuk 9 - Vervolging van de nembutsu lering die leidde tot de verbanning van Honen en Shinran; Shinran verblijft op het platteland

[Vermits Secties 10 tot en met 13 van Scroll 3 van de Go-eden in hetzelfde hoofdstuk 9 van de Godensho worden behandeld, komt deze tekst op onze website vier keer voor...] 
Terwijl de Reine Landlering bloeide, ging de invloed van het Pad der Wijzen achteruit. Woedend geworden monnikgeleerden in Nara en op berg Hiei hielden Meester Genku hiervoor verantwoordelijk en verzochten bij de rechtbank om een spoedige straf. In Hoofdstuk 6 van Verzameling van passages omtrent de voorlopige getransformeerde Boeddha’s en landen van het Zuivere Landpad wordt vermeld:

“In mijn nederige opinie vind ik dat in de diverse leringen van het Pad der Wijzen zowel de praktijk als de verlichting al lang onmogelijk nog te verwezenlijken zijn en dat de ware leer van het Reine Land nu een bloei kent als de zekere weg naar Verlichting.

Ondanks dit feit zijn monniken van verscheidene tempels – blind als ze zijn in het onderscheiden van de leringen – in de onmogelijkheid de ware weg van de voorlopige weg te onderscheiden. Confuciaanse geleerden van de hoofdstad, verward omtrent praktijken, kunnen geen onderscheid maken tussen juiste en verkeerde paden. Aldus hebben de monnikgeleerden van de Kofukuji tempel, in het eerste deel van de tweede maand in het jaar vuur/haas van de Jogen jaartelling[1] tijdens de heerschappij van keizer [Tsuchimikado-in] (met de naam Tamehito), een petitie bij de vroegere keizer [Gotoba-in] (met de naam Takanari) ingediend.

Heren en vazallen die zich tegen de Dharma en rechtvaardigheid verzetten, kweekten verontwaardiging en uitten rancunes [jegens de Nembutsu lering]. Aldus werden Meester Genku, de grote stichter die de ware leer van het Reine Land verbreidde, en een aantal van zijn volgelingen, zonder echt onderzoek naar hun misdaden, in het wilde weg ter dood veroordeeld, ontnomen van hun priesterschap, en onder de naam van een misdadiger verbannen. Ik was een van hen. Vandaar dat ik noch priester noch leek ben, en dat ik ‘Toku’ als mijn bijnaam nam. Meester Genku en zijn leerlingen verbleven vijf jaar in verbanning in afgelegen provincies.

De misdadigersnaam van Genku Shonin was Fujii-no-Motohiko, en zijn plaats van verbanning was Hata in de Tosa provincie. De misdadigersnaam van Shinran Shonin was Fujii-no-Yoshizane, en zijn plaats van verbanning was Kokubu in de Echigo provincie. Ik zal geen opsomming geven van de redenen waarom de andere leerlingen ter dood zijn veroordeeld of verbannen.
Op de zevende dag van de elfde maand in het eerste jaar Kenryaku, het jaar metaal/schaap[2], tijdens de heerschappij van Keizer [Sado-no-in, met de naam Morinari], werd een keizerlijk order uitgevaardigd tot gratie jegens Shinran door middel van Heer Okazaki Norimitsu, de Middelste Raadsheer bij het Hof. Bij die gelegenheid werd Shinrans naam, met ‘Toku’ (kortharige) als bijnaam, aan de Keizer gemeld; dit feit beïndrukte de Keizer en het won de lof van zijn begeleiders. Ondanks de gratie die Shinran had bekomen, bleef hij de mensen die op het afgelegen platteland leven [naar de Reine Landlering] leiden.

[1] Dit komt overeen met 1207, toen Shinran 35 jaar oud was.
[2] Dit komt overeen met 1211, toen Shinran 39 jaar oud was.


Geïllustreerde biografie van Shinran
Hongwanji Shonin

jikōji - 慈光寺

© 2010

info-at-jikoji.com

          home