Geloofspunten In Het Shin-Boeddhisme - I

Rev. Prof. Zuiken Saizo INAGAKI

Deze nota’s zijn optekeningen van één van Japans grootste Shin-predikers. Hij is een onvermoeibare, kleine en taaie diep-in-de-zeventiger die dag aan dag het hele land afreist om als gastprediker (en niet enkel in Shin-tempels!) in eenvoudige maar doordringende bewoordingen de heilsleer van de Boeddha te verkondigen.

Deze tekst, oorspronkelijk verschenen in het Japanse tijd schrift HORAI, werd in het Engels vertaald door de zoon van de auteur, Rev. Dr. Hisao Inagaki. Hij werd zo getrouw mogelijk naar de bedoelingen van de auteur, in het Nederlands omgezet.

De volgorde van deze “geloofspunten” is niet steeds logisch bepaald, maar beantwoordt aan een innerlijke behoefte van het religieuze tasten en van de religieuze opgang.

(1)

Bij het luisteren naar een preek, denken gewone mensen aan de Wet (Dharma). Dat is natuurlijk wel goed, maar noch dat denken aan noch dat weten zal ze redden.

(2)

De kracht, die alle levende wezens kan redden, dat is Amida, onze Vader, en zijn Geloof-kracht  - Namu Amida Butsu.

(3)

De Geloof-Kracht is buiten het bereik van onze begripsvorming. Ze is niet in woorden uit te drukken, ze valt buiten do mogelijkheden van het menselijke denken, buiten elke intellectualisering

(4)

Ware overgave, dat is noch ons bidden noch ons smeken - maar wèl het involgen van Zijn Roep – Namu Amida Butsu.

(5)

Alle verdiensten en volmaaktheden van de Tathāgata zijn vervat in zijn Naam.

(6)

Zijn Naam is niet het symbool van Amitābha Buddha, — Zijn Naam is Zijn Licht en Zijn Leven, de waarheid (Dharma) van het heelal, en Hemzelf.

(7)

Hij roept ons als het ware, zegt ons: “ Kom zonder dralen naar Mij toe. Wees niet bevreesd in de afgrond te vallen. Trek U maar niet al te veel van uw zonden aan.”

(8)

Zijn Roep involgen, onszelf vergeten - dat is Zijn Naam horen. Dat is de ware, reine overgave.

(9)

In die ware overgave zijn er geen menselijke gedachten meer, geen uitdenkingen.

(10)

Zijn Roep is ons heil; zijn Naam is ons heil; zijn Gelofte-Kracht is ons heil.

(11)

Wij bidden nooit tot Amida. Wij vragen Hem nooit iets.

(12)

Amida is de Boeddha van Absolute Wijsheid en Absoluut Mededogen. Daarom redt hij alle wezens door middel van zijn Gelofte-Kracht, de Naam.

(13)

Bij het horen van zijn Naam ontvangen wij Zijn Wijsheid en Zijn Liefde.  Dat is de ware, reine overgave

(14)

Alle dingen zijn ongeschapen en tijdloos; alle dingen vallen onder de achtvoudige ontkenning:

1.         geen verwekking        2.         geen uitdoving
3.         geen vernietiging        4.         geen blijven
5.         geen eenheid              6.         geen verscheidenheid
7.         geen komen               8.         geen gaan.

(15)

Alle dingen zijn één en tezelfdertijd zijn ze afzonderlijk en verscheiden. Alle dingen bestaan enkel in onderlinge afhankelijkheid, in onderlinge verhouding, onderlinge binding en onderlinge samensmelting. Dat is de universele waarheid.

(16)

Er bestaat in de wereld orde, harmonie en de Wet (Dharma), maar overal zien we tegenstellingen en tegenstrijdigheden. Daarom zijn alle dingen “Zelf van absolute tegenstellingen”

(17)

De Kegon-school (Avatamsaka) leert dat er vier werelden van waarheid zijn:

(1) de wereld van de verschijnselen

(2) de wereld van de essentie (van de Wet = Dharma)

(3) de wereld van de onderlinge afhankelijkheid van verschijnselen en essentie

(4)  de wereld van de onderlinge afhankelijkheid van het ene verschijnsel tegenover het andere verschijnsel.

(18)

De Kegon-school zegt ook: “De Geest, de Boeddha en de Wereld, deze drie zijn één en hetzelfde.”

(19)

Alle dingen in de natuur horen bij de “Absolute Waarheid van Niet-Discriminatie” en bij de “Absolute Liefde van Niet-ik”; ze zijn tijdloos, zonder begin of einde.

(20)

Hierin is er geen plaats om te theoretiseren over een schepping door een god.

(21)

Alle dingen in de natuur, zijnde van Absolute Wijsheid en Absolute Liefde, worden Dharmakāya (Het Lichaam, de Boeddha van de Wet).

(22)

Uit de Dharmakāya ontstaat de Sambhogakāya (het Lichaam, de Boeddha van de Beloning). Dit is Tathāgata Amida, die in de tijdloosheid de gelofte uitsprak alle levende wezens te verlossen door zijn Gelofte-Kracht, d.i. door Zijn Naam vol Grote Wijsheid en Liefde.

(23)

In deze zin is het Shin-Boeddhisme een universele religie en is de “Overgave” ook een universeel geloofsgebeuren.

(24)

Hierdoor komt het dan ook dat er in Shin geen persoonlijk gebed tot Amida bestaat.

Ekō 1
Geloofspunten In Het Shin-Boeddhisme

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home