Editoriaal

Het vertrouwen, waarin men opkijkt naar de grenzeloze barmhartigheid van de Boeddha, is een ware energiebron voor een goed leven. Ofschoon we ons midden in het bestaan van lijden en begeertes bevinden, toch vinden we de kracht van het besef dat we ons tevens midden in de genade en de barmhartigheid van de Boeddha bevinden, hoop, sterkte en vreugde.

Voor ons is de nembutsu de uitdrukking van onze dankbaarheid voor de oneindige goedheid van de Boeddha. Maar ook kan men de nembutsu niet afgescheiden houden van de grote liefde van de Boeddha die ons overspoelt, ook al zijn we nog zo doordrongen van leed en verlangens. Om het kort te zeggen: het leven dat we echt leven in dankbaarheid tegenover de Boeddha, dt is een leven van nembutsu, want een nembutsu-leven is cht een leven van dankgevoelens en dankbetuiging . Een hart dat in die dankbaarheid naar de Boeddha opblikt, is in diepste natuur en heel natuurlijk ook vol van goedheid en liefde, te beginnen voor onze zinsgenoten, voor onze naasten, maar ook verder, vermits onze liefde en ons medeleven zich vanuit deze diepe dankbaarheid uitstrekt over alle wezens, ja zelfs tot de boom of grashalm naast de weg. Onze dankbaarheid voor de al-goedheid van de Boeddha brengt ons het besef van de waarde zowel van de menselijke maatschappij als van de vaak geringe dingen die ons in de natuur omringen. De vreugde die we uiten in de nembutsu is de basis van een wederzijdse achting, van een bescherming van al wat bestaat, ja zelfs van de zorg voor een graankorrel of een blad papier. Deze levenshouding in het teken van dankbaarheid en dankbetuiging is de enige weg die naar vrede en waar geluk voert.

 

 

Jaren terug schreef onze Monshu, nu Zenmon (EreAbt) Kosho Ohtani beschermheer van de Europese Jōdo-Shinshū Gemeenschappen, deze woorden. Ze dienen ons steeds vr ogen te blijven, ook in de bittere dagen van ons leven. Zelfs en zeker wanneer rondom ons slechts verbijstering, wreedheid, verdwazing schijnen te heersen.

Triomfantelijk zingt Shinran Shōnin in zijn Shōshinge:

Al is geen zon te zien, toch is het duister van de onwetendheid verbroken: achter de wolken is geen donkerte meer, maar stralend licht!

Dat zijn zowat van de bedenkingen die in ons opkwamen bij het beschouwen van de gebeurtenissen in de wereld, in Itali waar een illuster mens gepijnigd en gedood werd door andere mensen die blijkbaar in pijnigen en doden een uitweg zien voor hun fundamentele hopeloosheid.

Zonder ook maar enige boze daad goed te keuren of goed te praten, laten we onze gedachten van liefde over alle betrokkenen gelijkelijk uitstralen: over de slachtoffers, maar zeker over de daders.

Ekō 2

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home