Wedergeboorte: Mijn Antwoord

Rev. Takashi Tsuji

 

“Geloven jullie Boeddhisten in wedergeboorte als een dier in een volgend leven?“
“Word je in de toekomst een kat, een hond, een koe?”
“Verhuist je ziel naar het lichaam van een ander persoon of van een of ander dier?”

“Wat is het verschil tussen zielsverhuizing en wedergeboorte? Is dat hetzelfde als de Geboorte in het Reine Land?”

Dergelijke vragen worden mij vaak gesteld.

Er bestaat ten opzichte van het Boeddhisme een groot misverstand, zeker wat het probleem van de wedergeboorte betreft. Het meest voortkomend misverstand is wel dat een persoon heel wat levens achter zich in het verleden heeft, meestal als dier, maar dat hij nu in dit leven, als mens geboren is, hoewel hij in een volgend leven dan weer een dier kan worden naargelang het leven dat hij nu leidt.

Dit misverstand vindt zijn oorsprong in verkeerd verstaan zowel van de sutra’s, de commentaren als de talrijke boeken die handelen over het Boeddhisme.

Er wordt gezegd dat de Boeddha niet minder dan 84 000 verschillende leringen naliet. Dit symbolische getal vertegenwoordigt de veelheid van achtergronden, karakteristieken, smaken, milieus, culturen, enz. van het mensdom. De Boeddha gaf immers zijn onderricht in functie van het mentale en geestelijke vermogen van elk belangstellende.

Voor de eenvoudige dorpsmensen uit de tijd van Gautama Buddha, was de leer van de wedergeboorte een inslaande morele les. De angst herboren te worden in de dierenwereld schrikte heel wat mensen af in hun bestaan zich als een beest te gedragen. Nemen we deze opvatting vandaag de dag letterlijk op, dan komen we in verwarring terecht aangezien we ze niet rationeel kunnen verstaan.

Wij staan hier voor een probleem. Een parabel die letterlijk opgevat wordt, wordt voor de moderne geestesgesteldheid zinloos. We moeten bijgevolg leren een onderscheid te maken tussen parabels of mythen aan de ene kant, en realistisch voorgestelde feiten aan de andere kant. Als we erin slagen de inhoud van parabels en mythen niet meer letterlijk op te vatten, maar hem te transcenderen, dan kunnen we de ware inhoud ervan begrijpen.

Men kan hierop terecht antwoorden: “Als dat zo is, waarom dan niet directer spreken, zodat men onmiddellijk de ware inhoud kan begrijpen?” Deze opmerking is inderdaad juist en gaat zeker op wat de gewone omgangstaal betreft. Maar een waarheid is vaak onuitdrukbaar. Het is daarom dat wijzen, leraars, schrijvers dikwijl beroep gedaan hebben op de taal van de verbeelding om hun toehoorders of lezers vanuit een lager begripspunt op te voeren naar een hoger niveau van begrijpen.

Ook de lering van de wedergeboorte moet in dit licht bekeken worden.

Het is in geen geval ‘zielsverhuizing’!

Wedergeboorte is niet een nieuwe fysische geboorte van een persoon.

Nemen we b.v. Jos die in een volgend leven als kat wedergeboren wordt. Dat veronderstelt dat Jos een ‘eeuwige of onsterfelijke ziel’ bezit, die na Jos’ dood verhuist in de vorm van een kat. Deze cyclus herhaalt zich eindeloos. Als Jos/kat wat geluk heeft, wordt hij weer als mens herboren.

Dit begrip van wedergeboorte (=zielsverhuizing) is volkomen vreemd aan het Boeddhisme.

Ekō 6

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home