De Betekenis Van “Na-Mu-A-Mi-Da-Butsu”
In De Leerverkondiging Van Eerw. Rennyō

Shaku Kakuryō G. KelI

Op een dag midden in de winter, zat Rennyō Shōnin (1415-1499) gebogen over een warm vuur en schreef een brief. Een priester van de Bussho-tempel, die juist langs daar op reis was, vond deze brief op straat en bracht hem aan de Eerwaarde Rennyō terug. Volgens de eigen woorden van de Shōnin ontstond deze brief juist op een ogenblik van bijzondere dankbaarheid tegenover Amida Buddha. De tekst bestaat uit drie strofen en luidt als volgt:

Het gemoed dat eenmaal op de Boeddha bouwt
is een pad
dat met de Leer overeenstemt.

Verzonken in karmische problemen,
op de Boeddha
en op de kracht van de Dharma vertrouwend,
zal het westwaarts reizen.

Het hart
is vast gegrond op het pad…
en het zegt almaardoor
Namu-Amida-Butsu

Het is moeilijk in menselijke vorm geboren te worden, maar het is nog moeilijker de Leer verkondigd te horen. Ofschoon de Leer op grond van gunstige, heilzame levensomstandigheden ontvangen wordt, blijven wij toch nog zolang in begoocheling bevangen, totdat we ons vertrouwen in de Oorspronkelijke Gelofte van Amida Buddha gesteld hebben. De Oorspronkelijke Gelofte, die afgelegd werd na een meditatie die wel vijf wereldperiodes duurde, en de heilspraktijken die ontelbare wereldperiodes besloegen en die voor deze Gelofte noodzakelijk waren, brengen het exclusieve opzet van Amida Buddha tot uitdrukking: ons, levende, voelende wezens te bevrijden uit deze bedrieglijke wereld van geboorte en dood. Het is hierop dat de Boeddha met grote inspanning voortbouwde en de Oorspronkelijke Gelofte aflegde, die NAMU AMIDA BUTSU genaamd wordt. Amida Tathāgata werd aldus tot NAMU AMIDA BUTSU, nadat hij vooraf de gelofte had afgelegd de Grote Verlichting te verzaken, zolang hij niet alle levende wezens kon bevrijden die ook maar één ogenblik geheel hun vertrouwen aangaande het toekomstige leven in hem gesteld hadden. Onze innerlijkste wens zou daarom eenvoudig moeten zijn in het Reine Land van Geluk en Vrede geboren te worden. Maar daarbij zou ons vertrouwen enkel en alleen op Amida Buddha moeten gesteld zijn.

Zij die oprecht daaraan werken in het Reine Land geboren te worden, moeten eerst de ware betekenis van het vertrouwen op de Ander-Kracht begrijpen. Want dit vertrouwen op de Ander-Kracht is de voorwaarde voor de effectieve verwezenlijking van de geboorte die ons te wachten staat. Dit vertrouwen is, eenvoudig uitgedrukt: NAMU AMIDA BUTSU. Om de ware betekenis van NAMU AMIDA BUTSU te verstaan, moeten we eerst de betekenis van de eerste twee schrifttekens NA en MU duidelijk stellen, en dan het ware wezen van de overige vier schrifttekens A-MI-DA en BUTSU.

NAMU betekent dàt gemoed
dat oprecht vertrouwen in Amida Buddha stelt en daarbij zonder twijfel te koesteren, voortbouwt aan de geboorte in het Reine Land.

AMIDA BUTSU betekent dàt gemoed
dat het levende wezen op het einde van zijn leven naar het Reine Land stuwt.

NAMU is de manifestering
van het bewustzijn van het levende wezen in functie van zijn vertrouwen in Tathāgata Amida.

AMIDA BUTSU is de manifestering
van de Dharma van Amida Tathāgata, die de levende wezens bevrijdt.

NAMU betekent
alle andere praktijken van zelf-verlossing opgeven en zonder de geringste twijfel gans zijn vertrouwen in Amida stellen.

AMIDA BUTSU betekent
de gemakkelijkste methode ter verlossing van die levende wezens die hun oprecht vertrouwen in Amida gesteld hebben.

De zes schrifttekens “NA-MU-A-MI-DA-BUTSU” vormen de werkzame Naam van Amida waardoor wij het vertrouwen op de Ander-Kracht ten volle kunnen begrijpen. Bovendien stellen deze zes schrifttekens “NA-MU-A-MI-DA-BUTSU” de vormelijke verschijning van Amida Buddha voor, die voor alle wezens, die hun vertrouwen in hem stellen, waarneembaar wordt. NAMU AMIDA BUTSU wordt hierdoor de klankvoorstelling van Amida Tathāgata:

NAMU AMIDA BUTSU is AMIDA BUDDHA;

AMIDA BUDDHA is NAMU AMIDA BUTSU.

Daardoor worden dan alle voelende wezens die hun geheel in Amida Buddha rustende vertrouwen door het woord NAMU uitdrukken, vrij van twijfel omhuld in Boeddha’s Mededogen en nooit meer losgelaten. Dat is wat onder NA-MU-A-MI-DA-BUTSU dient verstaan te worden.

De Eerwaarde Rennyō zegt “0, hoe wonderbaar is toch Amida Tathāgata’s Oorspronkelijke Gelofte van de Ander-Kracht! Wanneer jullie willen ervaren op welke wijze jullie je gevoel van diepe dankbaarheid ten opzichte van Amida Buddha kunnen tot uitdrukking brengen, dan moeten jullie heel eenvoudig en zonder aflaten, slapend of wakend, gewoon NAMU AMIDA BUTSU zeggen om uiting te geven aan de anders onverwoordbare mateloze dankbaarheid.”

De Nembutsu is niet-praktijk en niet-goed-werk voor diegenen die hem beoefenen.

Voor ons is hij niet-praktijk doordat hij niet een praktijk is die we beoefenen uit eigen berekening; en hij is niet-goed-werk doordat hij geen goed werk is dat we beoefenen uit eigen berekening. Hij is immers geheel te danken aan de Ander-Kracht en heeft niets te maken met enige zelf-kracht.

Daardoor komt het dat de Nembutsu niet-praktijk en niet-goed-werk is voor wie hem in de juiste geest beoefent. Aldus werd (door de Shōnin) gezegd.

(TANNISHŌ, 8)

Ekō 19

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home