Één-voudiger…
Of De Wekelijkse Vieringen In Jikō-ji

Slechts weinigen hebben de gelukkige gelegenheid de wekelijkse leringen in Jikō-ji bij te wonen!

Soms valt EKŌ wel wat academisch en ingewikkeld uit voor een domme, eenvoudige Shin-Boeddhiste, maar de leringen in de tempel na de wekelijkse erediensten zijn juweeltjes van eenvoud en komen spontaan uit het hart.

Het ‘Leitmotiv’ van Shitoku’s leringen is uiteraard de Nembutsu. Hoe kan het ook anders! Shitoku zegt dat wij allemaal tenslotte eenvoudige mensen zijn met vulgaire gevoelens, met onze passies, onze jaloezieën, kortom al onze ik-gehechtheden. “Niets menselijks is me vreemd”, zoals Terentius zegde.

Shitoku zegt ons ook hoe wij de Nembutsu moeten leren horen, de stem van Amida, in de minder aangename zaken van ons leven, in de regen, in de bliksem en in het onweder. We moeten zelfs trachten de Nembutsu te horen in de vaak venijnige opmerkingen die we van onze medemensen te horen krijgen.

Hij drukt ook op de universaliteit van Shinran Shōnin, die o.a. gezegd heeft: “Gooi mijn lijk voor de vissen in de rivier”. Shinran Shōnins wens werd niet voldaan; hij werd begraven op het plaatsje Ohtani in Kyoto, en rond deze grafsteen is dan het Shin-Boeddhisme ontstaan.

In één van zijn leringen, vertelde Shitoku ook hoe alle oproepen om mee te manifesteren tegen iets bij hem in de vuilnisemmer verdwijnen; je manifesteert enkel maar voor. Ook vertelde hij dat er in feite geen verschil is tussen een pennemes en een neutronenbom. Als er een slechte bedoeling schuilt achter het gebruik van een gewoon pennemes, dan is dit eveneens een wapen en bij gevolg verwerpelijk als karmisch onheilzaam. In ons huizen immers demonen en hongergeesten. Inderdaad, maar ook Amida is in ons aanwezig.

Op eigen kracht moeten wij niet rekenen, maar wel des te meer op Amida’s kracht die ons uit de modder zal halen en in het Reine Land zal leiden.

Shitoku zegt ons ook dat we in ons soms grauwe dagelijkse bestaan de schoonheid van een vogeltje dat een pier oppikt moeten kunnen zien, ook de pracht van de wisselende seizoenen, zoals Vivaldi ze in muziek omgezet heeft.

Uiteindelijk zouden wij de Nembutsu als een orgasme moeten kunnen ervaren.

Dat alles betekent beslist geen passiviteit, zoals ta-riki of Ander-Kracht verkeerdelijk zou kunnen laten vermoeden, zoiets als: “laat alles maar op zijn beloop”.

Ons dagelijks leven moet doordrongen zijn van karmisch heilzame gedachten, woorden en daden. Het leven is als een visnet met oneindige afmetingen. Tilt men op één punt dat net op, dan trilt die ene daad doorheen heel het net.

Shitoku sprak in zijn leringen ook over de eenzaamheid. Als we ons alleen en verlaten voelen, dan komt dit door onwetendheid en ik-gehechtheid. De realiteit is echter dat Amida steeds met ons, in ons is.

Een Shin-Boeddhist heeft eigenlijk de lichamelijke dood al achter zich. De dood is voor hem het betreden van het parinirvana en hoeft dus geen angst aan te jagen. De Boeddha is immers met ons, hoe, waar en wanneer onze tijd van gaan gekomen is.

In mij is de bedoeling gegroeid de volgende leringen met nog méér aandacht te volgen en ze niet verloren te laten gaan. Dus in alle bescheidenheid hopelijk een vervolg op dit kort artikeltje.

Namu Amida Butsu.

B.D.

Ekō 19

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home