Hiroshima Terug

Hiroshima is een drukke industrie- en havenstad. Tussen de ontelbare hoge betontorens, druk verkeer en neonreclames dat de nacht er tot dag wordt. Mannen met aktetas stevig onder de arm kruisen vrouwen die boodschappen doen. De kinderen spelen, in de parken zitten paartjes te flirten en oude mensen te dommelen.

Toch ontplofte hier op 25 augustus 1945 de eerste “praktische” atoombom. Het aantal slachtoffers zal eeuwig onbekend blijven. Het puin is geruimd. De bomen zijn volwassen en hondjes heffen er wijsgerig de achterpoot tegen op, - zoals overal ter wereld de hondjes dat doen.

Toch is er in Hiroshima één hondje dat zoiets niet doet. Want het is slechts een schaduwhond. Hij zat DIE morgen naast zijn baas op de marmeren trap van een gebouw. Toen gebeurde het. Gebouw, man en hond zijn spoorloos. Enkel hun hitteschaduw bleef in het marmer getekend.

Dat marmer is toen niet gesmolten. Maar dakpannen smolten wèl. En vloeiden als ‘n kokende brij over de (dode of toch nog levende?) mensen eronder. Nu liggen ze als brokken aardewerk in het “museum” en men ziet gevat in de amorfe materie, resten hersenpan en vingerkootjes, - als lichte rozijnen in een sombere kramiek.

We griezelen. De Oosterling zal hierbij glimlachen, glimlachen om niet te griezelen.

Wanneer ik opkijk, wat onscherp van die traan in mijn ooghoek, zie ik rondom mij de Japanse gezichten van mijn Hiroshima-vrienden, en die glimlachen.

En iemand zegt me: “The important thing is not to die but to live.” En hoe langer hoe meer komen die woorden mij raadselachtig voor.

Hiroshima is niet dood. De grote kunst, zei de burgemeester, is te overleven. Zelfs de atoombom te overleven. En Hiroshima overleeft, met de roeping voor geheel de mensheid een waarschuwing te zijn: Wij Hebben Het Overleefd. Het Was Eigenlijk Ook Maar Een Erg Primitieve Atoombom. Maar Wat Als Het Nog Eens Gebeurt, Hier Of Elders: Bij U?

En de vlam in Hiroshima’s monument zal blijven branden, als een waak-vlam, zolang er op de wereld kernwapens zullen bestaan.

Zal die vlam ooit eens doven, vraag ik naïef. Dat zal van de mens afhangen, van de mens alleen. En Hiroshima is een teken van de dwaasheid van de mens.

De mens, elk mens, en de mens alleen bouwt zijn eigen toekomst. Dat leerde ons de Boeddha.

Maar zullen dan ooit de kernwapens verdwijnen? Er is, eerlijk gezegd, weinig kans toe. Het gaat tegen de zin van de geschiedenis van de mensheid in. Pauselijke bullen hebben eens het buskruit veroordeeld, wetenschapsmensen zijn bijna gewelddadig opgekomen tegen het moordende wapen dat de spoorweg was, internationale akkoorden veroordelen en verbieden giftgassen. Men praat er niet over, maar elke mogendheid heeft ze: de biologische en de chemische wapens.

Haalt het dan iets uit te streven naar “verbod” van kernwapens? Zijn de betogingen en de plakkaten, afgezien van mogelijke manipulaties en buiten hun lofwaardig verschijnsel van zelfbezorgdheid van de mens, doeltreffend? Is die utopie haalbaar?

En zou het zin hebben enkel maar de kernwapens te verbieden omdat daarrond de grootste psychose geschapen werd? De brisantbom, de napalmbom, de fosforbom, - moeten die niet verboden worden? Hebben die niet, tot en met de laatste wereldoorlog, heel wat meer slachtoffers gemaakt dan de A-bom? Dresden, Hamburg, Tokyo, Monte Cassino, Rotterdam, Mortsel… zijn dan nu reeds vergeten namen? Courant worden zenuwgassen gebruikt, gisteren in Vietnam, nu in Afghanistan en godweet waar nog. In de onzinnige oorlog tussen Iran en Irak worden honderden kinderen de mijnvelden opgejaagd.

Daarover geen betoging, geen plakkaat. Maar voor zeehondenbabies, wel.

En het gewone geweer, de lans, de blaaspijp, het zwaard, het mes. De knots was het eerste instrument van de oermens. Is “wapen” nog steeds synoniem voor “beschaving”? Toen ik in mijn jonge jaren de Bijbel las, geraakte ik ontzet over Kaïns knots die met één slag één kwart van de mensheid zou gedood hebben…

Heeft het waarlijk zin een wapen te veroordelen? Stellen we ons een gerechtszitting voor: een gangster heeft met zijn revolver drie mensen neergeknald. Vonnis: de gangster gaat vrijuit, de revolver wordt tot levenslang veroordeeld…

Laten we dus ook proberen de kernwapens te doen verbieden. Dat zal alleszins ons geweten sussen, en misschien zelfs dat van de staatslieden. Maar laten we ons hierover zeker geen historische illusies maken.

We moeten ons toespitsen op de mens die het kernwapen gebruikt. En die mens, dat bent u en ik. Laten we ons niet begoochelen met onze “goedheid”, onze “vredeswil” en ons “zoiets zal ik nooit doen”.

Het gebruik van een wapen begint steeds in de geest van de mens. Zolang de geest van de mens niet gericht is op wijsheid en mededogen, zal die geest naar wapens blijven zoeken. En wapens, die vindt iedereen overal, tegen jan en alleman.

Ekō 21

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home