Lering door de Zenmon gegeven

Deze lering werd door de Zenmon in het Frans gegeven op zondag 19 augustus, aan de deelnemers van de 3de Europese Shinshu Conferentie te Genève.

Mevrouwen, Mijne Heren,

Terug te Genève na een afwezigheid van twee jaar, is het mij een grote vreugde de Derde Conferentie van de Europese Jōdo-Shinshū Gemeenschappen bij te wonen, welke gehouden wordt hier in Shingyō-ji. Ik ben erg dankbaar voor de gelegenheid die mij geboden wordt U te spreken over Jōdo-Shinshū.

Ditmaal zou ik U graag onderhouden over “Namo Amida Butsu”, waarvan de betekenis absoluut essentieel is in Jōdo-Shinshū.

De uitdrukking “Namo Amida Butsu” is wat wij gewoonlijk de “myōgō” noemen, dit is Boeddha’s Naam: Jōdo-Shinshū is immers de heilsleer die voert tot bevrijding door diep vertrouwen in deze Naam en door de huldiging ervan.

Onder de 48 geloften van Amida Buddha, uiteengezet in de “Grote Leerrede van het Oneindige Leven”, luidt de 17de Gelofte aldus:

“De Boeddha’s in de tien richtingen zullen mijn Naam prijzen. Moest dit niet zo zijn, dan zal Ik de volkomen verlichting niet verwezenlijken.”

Het bewijs dat deze 17de Gelofte vervuld werd, is dat Shākyamuna Buddha in India verschenen is en er de Drievoudige Sūtra van het Reine Land verkondigd heeft, beginnend met de Grote Leerrede van het Oneindige Leven.

Bovendien houdt de 18de Gelofte deze boodschap in:

“De wezens in de tien richtingen die in mij hun volle vertrouwen stellen, die met een vreugde-gemoed verlangen in mijn Reine Land geboren te worden en mijn Naam prijzen, zij zullen noodzakelijk gebracht worden tot geboorte In mijn Reine Land. Moest dit niet zo zijn, dan zal ik de volkomen verlichting niet verwezenlijken.”

Om duidelijk te stellen dat deze 18de Gelofte de belangrijkste Gelofte van Tathāgata Amida is met het doel alle wezens te bevrijden, noemde de Wijze Man Shinran deze de “Voortijdelijke Gelofte” (hongan). Bij het beschouwen van de verschillende methodes waardoor de wezens in het Reine Land geboren worden, meende hij dat het hier gaat om de belangrijkste gelofte waarin het huldigen van de Naam uitverkoren wordt als zijnde de beste van alle methodes; daarom noemde hij deze gelofte dan ook de “Uitverkoren Voortijdelijke Gelofte” (senjaku hongan).

Door het aanbieden van zijn Naam, bevrijdt Amida Buddha de wezens; om het anders uit te drukken: wij worden bevrijd door het horen van zijn Naam, door er vertrouwen in te stellen en door de vreugde die we ervaren bij het uitspreken van de Nembutsu.

Maar waardoor is het dat de Nembutsu de andere methodes overtreft?

Men kan in dit verband de volgende drie punten naar voren brengen:

- één: deze methode bevrijdt alle wezens zonder onderscheid;

- twee: ze leidt tot de volkomen verwezenlijking (satori);

- drie: het is de snelste weg naar de bevrijding.

Eerste punt: bevrijding voor alle wezens.

Moest deze methode enkel bevrijding inhouden voor diegenen die uitblinken in wijsheid, dan zouden de onwetenden nooit kunnen bevrijd worden. Bovendien, zou ze enkel diegenen kunnen bevrijden die tot volmaakte heilspraktijken in staat zijn, dan zouden de onbekwamen evenmin kunnen bevrijd worden. Echter: zij die uitblinken in wijsheld en zij die de volmaakte heilspraktijken aankunnen, zij zijn uiterst zeldzaam. Bijgevolg zouden de meerderheid van alle wezens nooit bevrijd kunnen worden. Het is echter de Diepe Bedoeling van Amida Buddha alle wezens zonder onderscheid te bevrijden, en in het bijzonder alle wezens die in nood en wanhoop zijn.

In de Leerrede van de Beschouwing van het Oneindige Leven wordt gezegd:

“Boeddha’s hart is het grote mededogen.”

In zijn “Shōzōmatsu-wasan” (Japanse Strofen over de Verworden Tijden), bezingt de Wijze Man Shinran het volgende:

“Beschouwt men hoe de Tathāgata zijn geloften aflegde,
in plaats van de wezens over te laten aan hun lijdenslot,
gaf hij voorrang aan de overdracht van zijn verdiensten,
om het grote mededogen te vervullen.”

Indien er enige bijkomende voorwaarde te vervullen viel voor de wezens met het oog op hun bevrijding, dan zouden er heel wat zijn die dergelijke voorwaarde nooit zouden kunnen vervullen; deze wezens zouden dan falen en de bevrijding zou hun ontgaan.

Maar met het inzicht dat geen enkel wezen zijn bevrijding zou ontgaan en dat alle wezens gelijkelijk zouden bevrijd worden, is er vanwege de lijdende wezens geen enkele bijkomende voorwaarde te vervullen: het is immers niets anders dan de bevrijding enkel door de verdiensten van de Boeddha. Aldus is de methode van bevrijding door de gave van de Naam.

Ten tweede: deze methode leidt naar de volkomen verwezenlijking (satori).

Amida’s Reine Land, dat is de wereld van het onovertrefbare nirvāna, die men ook “Wereld van Geluk en Vrede” of “Land van het Oneindige Licht” noemt. Door er geboren te worden, verwezenlijken gewone wezens zoals wij de volkomen verlichting.

Een menselijk wezen kan een volmaakte heilspraktijk op zich nemen of de talrijke wortels van verdiensten uitplanten binnenin de begrenzingen van zijn inspanningen. Maar de menselijke vermogens zijn beperkt en het zal de mens daardoor onmogelijk zijn het zuiver goede te beoefenen tot op het punt dat hij volkomen los is van bindingen aan begeertes, haat en onwetendheid. Wortels van het heilzame welke begrenzingen hebben, blijven bevlekte wortels en kunnen daardoor niet leiden tot de wereld van reinheid die geen begrenzingen en geen bevlekkingen heeft. Men kan die begrenzingloze, ware wereld van reinheid niet bereiken zonder een oorzaak die zèlf volkomen rein, waar en zonder begrenzingen is.

De Naam “Namo Amida Butsu” staat voor de ware, reine, begrenzingloze verdiensten die Amida Buddha verwezenlijkt heeft om ze ons aan te bieden. Het is enkel door de gave van zijn Naam dat we tot de volmaakte verwezenlijking kunnen komen door geboren te worden in Amida Buddha’s Reine Land.

In de Amida Sūtra lezen we:

“Het is onmogelijk in dat koninkrijk geboren te worden door de voorwaarden van geringe wortels van goed en verdiensten.”

De uitdrukking “door de voorwaarden van geringe wortels van goed en verdiensten” verwijst naar de wortels van het heilzame op het beperkte niveau mogelijk voor de menselijke heilspraktijk. Hoe hoog ook het niveau van zijn capaciteiten kan liggen en welke ook de intensiteit van zijn heilspraktijken moge zijn, diegene die zich inspant om dergelijke wortels van het heilzame te verzamelen, hij blijft toch in de onmogelijkheid in Amida’s Reine Land geboren te worden. Voor ons, die toch maar gewone wezens zijn, is het enkel door de kracht van de Naam dat we ooit in het Ware Reine Land kunnen geboren worden.

Dit wordt door de Wijze Man Shinran geprezen In zijn “Jōdo-wasan” (Japanse Strofen over het Reine Land):

“De Tathāgata’s, talrijk als de zandkorrels van de Ganges
betreuren het tekort aan heilzaam goed in de tienduizend praktijken.
Maar het diepe vertrouwen in de onvatbare Naam,
allen prijzen zij het, uitsluitend.”

Bovendien zegt hij in zijn “Kōsō-wasan (Japanse Strofen over de Patriarchen):

“Vermits het land van beloning, gevestigd door de kracht van zijn Naam,
niet bereikt kan worden door praktijken en wensen van de eigen kracht,
schepen alle heiligen van het Kleine en Grote Voertuig in
op de universele gelofte van de Tathāgata.
Hoe uitstekend deze mensen ook zijn, met menselijke vermogens
blijft het hun onmogelijk de volkomen verlichting te verwezenlijken.
Door in diep vertrouwen de Naam te ontvangen, is het mogelijk in
Amida’s Reine Land geboren te worden
en dezelfde verlichting als de Boeddha zelf te verwezenlijken.”

Ten derde: het is de snelste methode ter bevrijding.

In dit opzicht, kan men de volgende twee levensfases beschouwen. Enerzijds, wanneer het leven in zijn menselijk aspect uitgeput is, valt ons geboorte in het Reine Land ten deel en worden we Boeddha waarvan licht en leven oneindig zijn zoals voor Amida Buddha. Anderzijds worden we door Amida Buddha’s licht omvat net zoals we zijn, als doodgewone wezens en worden we “niet-terugvallers van de precies omschreven groep”.

Wanneer het menselijke leven uitgeput is, valt ons de geboorte in het Reine Land ten deel en worden we Boeddha: dat is toch wel de snelste en meest doel treffende wijze om Boeddha te worden. In het algemene Boeddhisme wordt meestal verondersteld dat men gedurende een zo goed als onbegrensde periode de heilspraktijken dient te vervullen om Boeddha te worden. Er bestaat weliswaar in het Grote Voertuig van het Boeddhisme de lering “Boeddha te worden met dit eigene lichaam”, die voorhoudt dat men direct, met behoud van dit vleselijke lichaam, Boeddha kan worden. Dit is evenwel slechts een doctrine die in werkelijkheid niet verwezenlijkbaar is. Volgens de verklaringen van de sūtra’s zal zelfs Bodhisattva Maitreya, die toch op de hoogste trap van het Bodhisattvaschap staat en van wie gezegd wordt dat hij na Shākyamuni de volgende Boeddha zal zijn, dit enkel kunnen verwezenlijken na verloop van vijf miljard zeshonderdzeventig miljoen jaren! Het is dus niet zonder reden dat we kunnen stellen dat Jōdo-Shinshū inderdaad de snelste methode is om Boeddha te worden, vermits we door het in diep vertrouwen ontvangen van de Naam in het Reine Land geboren worden en dus Boeddha worden op het ogenblik zelf dat ons huidig karmisch bestaat ten einde loopt.

Anderzijds evenwel bekomen we reeds in dit leven en juist zoals we zijn, de verzekering te behoren tot de groep van de “niet-terugvallers”: dat is, in dit leven de zekerheid dat we Boeddha zullen worden.

Vermits Amida Buddha ons bevrijdt zonder dat er sprake is van enig menselijk goed of kwaad, maar enkel door de gave van zijn Naam, is het zó dat zodra wij in diep vertrouwen zijn Naam ontvangen, wij onherroepelijk bestemd zijn voor het Boeddhaschap via de geboorte in het Reine Land. Zelfs de vraag of we bij onze dood wel zullen geboren worden in het Reine Land is dan overtollig geworden.

In de “Jōdo-wasan” leest men volgende lofprijzing:

“Zij die het ware diepe vertrouwen bekomen hebben,
treden terstond in de groep van de vast-verzekerden.
Aangezien zij bij de onomkeerbaren horen,
treden zij noodzakelijk in het bevrijdende nirvāna.”

In het eerste hoofdstuk van Tannishō staat het volgende:

“Zodra de gedachte oprijst de Nembutsu te zeggen in de overtuiging dat we eindelijk in het Reine Land zullen geboren worden dankzij de onvatbare gelofte van Amida Buddha, worden wij de weldaad deelachtig omvat om nooit meer losgelaten te worden.”

Wanneer wij in diep vertrouwen Amida Buddha’s Voortijdelijke Gelofte ontvangen, net zoals we zijn: doodgewone wezens vol begeertes en driften, op datzelfde moment worden wij omvat in Amida’s grenzeloze licht en worden wij “niet-terugvallers van de precies omschreven groep.” Om deze reden bestaat er geen andere bevrijding die vlugger kan zijn.

Vatten we samen wat ik totnutoe gezegd heb, dan wordt duidelijk dat de bevrijding door Amida’s Naam elk wezen ter wereld de mogelijkheid biedt de volkomen verlichting te verwezenlijken; bovendien is dit, vergeleken bij alle andere methodes, meteen ook de kostbare bevrijding die het snelst vervuld kan worden. Houdt men dit goed vóór ogen, dan kan men inderdaad stellen dat er geen lering is die meer eerbiedwaardig en uitstekend is dan deze.

Het is dan ook op deze wijze dat wij de eerbiedwaardige “Namo Amida Butsu” die uit onze mond te voorschijn komt, huldigen. Maar men dient goed te beseffen dat dit onzerzijds betekent: “Mijn toevlucht is Amida Buddha” of “Ik verlaat me op Amida Buddha” of “Ik laat alles over aan Amida Buddha”.

De eerste twee verzen van Shinrans “Gedicht van de Nembutsu van het Diepe Vertrouwen” luiden:

“Mijn toevlucht is de Tathāgata van het Eindeloze Leven!
Mijn toevlucht is het onvatbare Licht!”

De betekenis ervan is de weergave van het gevoel van toevlucht dat de Wijze Man Shinran zelf had ten opzichte van Amida Buddha.

Dit gezegd zijnde, dient men evenwel te onderlijnen dat dit gevoel van toevlucht in Amida Buddha zelf van Amida afkomstig is: de bron van onze toevlucht in Amida is niets anders dan de roep van Amida Buddha die ons zegt: “Kom tot mij als uw toevlucht!”. Ook hier hebben we eens te meer te doen met een typisch kenmerk van de lering van de Ander-Kracht. In dit opzicht heeft de Wijze Man Shinran verklaard hoe “Namo Amida Butsu” de roep is van de Tathāgata die ons tot zich wenkt door te zeggen: “Neem uw toevlucht in Amida Buddha”.

Een Jōdo-Shinshū geleerde heeft eens zijn dankbaarheid voor de Nembutsu van de Ander-Kracht uitgedrukt In een gedicht dat zegt:

“Ik huidig en ik hoor Namo Amida Butsu,
Amida’s roepen dat me opneemt.”

Dat houdt in dat die éne Namo Amida Butsu enerzijds het roepen van de Boeddha uitdrukt en anderzijds ons gevoel van toevlucht en dankbaarheid.

Dit wordt ook uitgedrukt in een ander gedicht:

“Namo Amida Butsu: één klank, twee betekenissen,
Amida’s roep en de liefdeskreet van zijn kinderen.”

Om te besluiten, ziehier een verhaal dat ik kort geleden van een bekende vernam over de dood van een vriend van hem, een priester wiens leven geleid werd door de geest van “Namo Amida Butsu”. Ik hoop dat dit verhaal het U mogelijk zal maken het wonder van het diepe vertrouwen beter te vatten. Ikzelf heb die priester nooit ontmoet en wat ik U vertel is afkomstig van een bekende van me; daardoor weet ik niet precies of alle details wel juist zijn, maar het verhaal als geheel dunkt me waarachtig.

Die vriend was hoofdpriester van een Jōdo-Shinshū tempel en zijn leeftijd was hetgeen men een hoge ouderdom noemt. Daar zijn gezondheid slechter werd, ging hij met zijn echtgenote naar een ziekenhuis voor een grondige diagnose. Bij het onderzoek ontdekte men een ziekte die te erg bleek om zo maar direct aan de zieke mee te delen. De arts nam daarom de echtgenote terzijde en zei haar dat haar man leed aan pancreaskanker en dat zijn dagen geteld waren. De oude vrouw was diep geschokt, maar om haar man te sparen, vertoonde zij een geruststellende glimlach toen ze weer bij hem kwam in de wachtzaal. Toen de oude priester de glimlach op het gezicht van zijn vrouw zag, riep hij uit: “Hou op met dat valsspelen!”. De oude vrouw barstte daarop in tranen uit. Begrijpend waar het om ging, trok de priester naar het kantoor van de arts om hem de gehele waarheid te vragen. Aldus vernam hij de naam van zijn ziekte en zijn vermoedelijke levensduur van nog maar drie maanden.

Wat ik U eigenlijk wil vertellen, dat is vooral het latere gedrag van die oude priester. Hij ging onmiddellijk terug naar zijn tempel en schreef een brief naar elk lid van zijn tempelgemeenschap. In deze brief vermeldde hij de naam van zijn kwaal en zijn vermoedelijke levensduur. Hij vroeg hun ook zo mogelijk elke ochtend naar de tempel te komen om er te luisteren naar de preek die hij er zou houden zolang hij in leven was.

Op deze pathetische boodschap van hun hoofdpriester, begaven elke morgen zich de leden van de gemeenschap als ze het ook maar enigszins konden naar de tempel om er naar de preek te luisteren.

Toen de drie maanden bijna om waren en hij voelde dat zijn levensloop ten einde liep, sprak de hoofdpriester als volgt:

Jullie hebben me zo lange tijd op zo vele manieren geholpen. Nu beveel ik jullie mijn tempel aan voor na mijn dood. Ik ben jullie ontzettend dankbaar. De lering van de Jōdo-Shinshū heeft me geleerd dat ik op het einde van mijn lang leven in het Reine Land zal geboren worden; maar ondanks dat ben ik zelfs nu niet zo bekoord door dit vooruitzicht van de dood en ik zou nog graag een dag langer leven. En toch: zie wat een wonderbare lering onze Jōdo-Shinshū toch is: zelfs een Nembutsu-volgeling met zo een beschamende gevoelens als ik wordt bevrijd! Amida-sama die een zo ellendig wezen als ik ben, toch nog de moeite waard vindt te bevrijden, moet toch wel iets heel bijzonders zijn! Verheug je dus steeds over de liefde en het mededogen van Amida-sama en zeg voortdurend de Nembutsu! Namo Amida Butsu! Namo Amida Butsu!”

Dat was zijn laatste preek.

De volgende ochtend kwam zijn zoon hem wekken voor de dienst. Talrijke leden waren reeds in de tempel verzameld. De oude priester antwoordde: “Vandaag mis ik de kracht uit mijn bed te komen.” En rond de middag van diezelfde dag, blies hij zijn laatste adem uit, drie dagen vóór het einde van de termijn van drie maanden die de arts hem gegeven had.

De persoon die mij dit verhaal deed heeft niet zelf deze laatste preek gehoord, maar kon er kennis van nemen dankzij een bandopname die iemand ervan gemaakt had.

De oude priester was beslist geen beroemdheid noch iemand die bij zijn leven bijzonder bekend stond voor zijn geloof. Maar ik heb eraan gehouden U de houding mede te delen van een heel doodgewoon religieus mens die de vervaltermijn van zijn leven verneemt. En hiermee wil ik hopen dat U iets meer begrepen hebt van de wonderbare lering van de Jōdo-Shinshū.

De Europese Jōdo-Shinshū Conferentie is nu aan haar derde uitgave toe en het verheugt mij te zien hoe gij allen uw begrijpen en uw vertrouwen in de Leer uitdiept.

Gedurende de zeven eeuwen na Shinran Shōnin heeft de Jōdo-Shinshū zich enkel in Japan verbreid. Maar sedert enkele tientallen jaren heeft de Leer Japans grenzen overschreden en vaste voet gekregen In Noord- en Zuid-Amerika evenals in Europa. De wens van de Shōnin “Dat het Boeddhisme zich verbreide” en de vervulling ervan op wereldschaal is een mooie, grootse aangelegenheid. Toch blijft de neerslag ervan nog beperkt en men kan nog steeds niet zeggen dat alles op een gunstige wijze zal evolueren.

Maar ik wens uit ganser harte dat de Europese Jōdo-Shinshū volgelingen hun toevlucht in Amida Tathāgata verder zullen uitdiepen en dat ze, bewust van hun verantwoordelijkheid ten opzichte van de Leer en van de mensheid, hun krachten zullen bundelen om in Europa steeds meer bekendheid te geven aan de boodschap van Shinran Shōnin.

Ekō 27
Europese Shin Conferenties

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home