Historiek van Jikō-ji

Op dinsdag 23 april werd in de Grote Beerstraat 69 voor het laatst bijeengekomen. We reciteerden de Drievoudige Toevlucht en zongen de Twaalf Strofen van Hulde aan de Boeddha, naar Nagarjuna. Daarop dankten we de Boeddha in de zesvoudige Nembutsu en in Shantao’s woorden spraken we het verlangen uit alle wezens te zien geboren worden in het Reine Land. Alles bij elkaar een heel “normale” eredienst. En toch de laatste van een lange periode, die begon bijna zes jaar terug bij de plechtige inhuldiging van “onze” Jikō-ji.

Tijdens een aanzetperiode werd een eerste Amida-schrijn opengesteld in een achterbouwkamertje op de Grote Markt te Antwerpen. Dŕŕr begon de toen piepjonge en minuscule Jōdo-Shinshū-gemeenschap haar carričre in het Antwerpse. Tot verhuisd kon worden naar een bovenverdieping Grote Beerstraat 69, waar het schrijn een heuse ofschoon zeker nog kleine tempelruimte werd.

Op 6 mei 1979 werd namens Kosho Ohtani, nu Zenmon (Ere-Hoofdabt van Honganji) maar toen nog Go-Monshu (Hoofdabt), deze kleine ruimte plechtig ingehuldigd door Rev. Prof. Kakue Miyaji, geassisteerd door Rev. Hisao Inagaki.

De nieuwbakken tempel kreeg als naam “jikō-ji”, in het Nederlands ‘Tempel van het Licht van mededogen’. Het werd de eerste effectieve Shin-tempel in Europa. Voordien had men, met Rev. Harry Pieper wel een schrijn gehad te Berlijn, maar dit bekwam nooit een tempelbenaming.

Nog in 1979 werd Shitoku naar Kyoto beroepen om er ‘tokudo’ (“priesterwijding”) te ontvangen na de vereiste trainingperiode.

Hiermee werd Jikō-ji volwaardig operationeel als centrum voor beleving, studie en verbreiding van het Reine-Land Boeddhisme van de Ander-Kracht-Nembutsu.

Reeds in 1980 kon in Antwerpen de 1ste Europese Shin Conferentie doorgaan. Hierbij bevestigde Kosho Ohtani Zenmon door zijn aanwezigheid het tempelkarakter van Jikō-ji.

Reeds van in den beginne was Jikō-ji een bevoorrechte ontmoetingsplaats geworden, waar iedereen welkom was: niet enkel Shinboeddhisten of boeddhisten van andere geestelijke horizonten, maar ook katholieken en protestanten, Baha’i’s en muslim, atheďsten en nieuwsgierigen konden er zich best thuis gevoelen.

Dikwijls ook mocht Jikō-ji zich verheugen in bezoek vanuit het buitenland, vaak vanuit Japan, maar ook belangstellenden of prominenten uit de States, Frankrijk, Nederland, Engeland of Duitsland vonden de weg naar onze kleine bovenverdieping.

Dit open karakter tekent immers duidelijk de universaliteit van de Leer van de Boeddha.

Het afsluiten van de laatste eredienst was beslist een emotievol moment. Velen onder ons zijn immers zodanig vergroeid geraakt met deze plaats dat de idee van een afscheid ervan niet zonder kleerscheuren verloopt. Zelfs niet wanneer men toch weet dat het geen afscheid van Jikō-ji is.

Hoe gezellig onze etage in de Grote Beerstraat soms ook was, het werd er vaak benauwend klein. De tempelbibliotheek blijft zich maar uitbreiden; de pakken publicatiemateriaal komen meer en meer in de weg te liggen; de thee-tafel werd te klein en de stoelen begonnen te ontbreken. Voeg daarbij wat problemen van verwarming of verlichting en je hebt alle redenen om aan verhuizen te denken…

De voorgenomen verhuizing ligt immers in de evolutie zelf van Jikō-ji: de kring van belangstellenden groeit traag maar gestadig de Jōdo-Shinshū gemeenschap in onze contreien neemt vastere vormen aan.

Toch mogen en kunnen we de Grote Beerstraat niet verlaten zonder onze dank te betuigen:

- aan allen die hun vertrouwen gesteld hebben in onze kleine kring;

- aan de buren voor hun verdraagzaamheid en vaak ook voor hun dienstwilligheid

- en zeker aan Mevr. Alma Dupont, de huiseigenares, voor haar initiatief ons indertijd uitgenodigd te hebben, voor haar medewerking en hulpvaardigheid waar problemen zich voordeden, voor haar breeddenkendheid, haar tolerantie en haar lieve glimlach.

Onze dank kunnen wij voor allen best uitdrukken door een diep uit ons gemoed komend NAMU AMIDA BUTSU.

Ekō 29 bis

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home