Glossarium Voor Het Shin-Boeddhisme (17)

Kedo (Vervormd Land)

In de vroege periodes van de Reine-Landlering, werden de ‘Boeddhalanden’ (Sanskr. buddha-ksetra) en in het bijzonder ook Amida’s Reine Land (Sanskr. Sūkhavatī, Chin. ching-t’u, Jap. jōdo) een ‘Vervormd Land’ genoemd, aangepast aan het beperkte begripsvermogen van de wezens. Van hieruit konden zij dan de Volkomen Verlichting verwezenlijken. ‘Vervormd’ heeft hier de betekenis van ‘voorlopig’, vermits vanuit dit ‘land’ het nirvana kon verwezenlijkt worden. Shinran baseerde evenwel zijn idee over dit ‘voorlopige, doeltreffende’ Vervormde Land op een passage van de Grote Sūtra (Dai-kyō), waaruit hij besloot dat dit Vervormde Land door Amida gesticht werd voor de wezens die, ondanks hun meditatieve en niet-meditatieve praktijken, nl. de praktijken volgens de 19de en de 20ste Geloften, toch geen ware vertrouwen ervaren. Hij onderlijnt het contrast tussen enerzijds het Vervormde Land (Kedo) en het Ware Reine Land (Hōdo), een contrast dat overeenstemt met het onderscheid tussen de jiriki Reine-Landpraktijken enerzijds, en Ander-Kracht-shinjin anderzijds. Dit contrast maakt dat Kedo a.h.w. een vermaning inhoudt (zie hierover ook Tannishō XI, XVI en XVII) en aldus fungeert als ‘geschikt middel’ (hōben).

Er worden aan het Vervormde Land ook nog andere benamingen gegeven: Grensland (henji), Land van Inertie (keman), Land van Inertie en Trots (kemangai), Burcht van Twijfel (gijō), Baarmoederpaleis (taigu).

Kemangai (Land van Inertie en Trots)

Een van de namen van het Voorlopige, Vervormde Reine Land (zie kedo); de aldaar geboren wezens zijn te trots om volkomen vertrouwen te hebben in Amida’s 18de Gelofte en missen bij gebrek aan dit vertrouwen de ijver om naar geboorte in het Ware Reine Land te streven.

Kemon (Voorlopige Poort)

Voorlopige leringen d.i. de leringen welke voorafgaan aan de Ware Reine Land Lering Jōdo-Shinshū. Deze leringen zijn die van de boeddhistische scholen uitgezonderd de Tariki-Nembutsu leer, welke shinmon is, de Ware Poort. Als synoniem voor ‘kemon’ geldt ook Yōmon, de Essentiële poort, essentieel omdat hierdoor toegang verkregen wordt tot ‘shinmon’.

Kesho (geboorte door transformatie)

Een van de vier mogelijke geboortevormen (Sanskr. catur-yoni) eigen aan de Indische wetenschap: 1) jarāyuja (taishō), geboorte uit de baarmoeder; 2) andaja (ranshō) geboorte uit een ei; 3) samsvedaja (shisshō) geboorte uit schimmel; 4) upopāduja (keshō) geboorte door plotse verandering. Deze vier vormen van geboorte (shishō) behoren tot het samsarische bereik. Geboorte in het Reine Land valt hier niet onder. Vandaar dat T’an-luan in zijn Ojo-ron-chū (Commentaar op Vasubandhu’s Ojo-ron) de geboorte in het Reine Land “mu-shō no shō”, ‘Geboorte van Niet-Geboorte’ noemt. Volgens Shinran is de geboorte in het Reine Land meteen de volheid van de Verlichting (Dharmakāya) = nirvāna.

Ketsujō (vast gevestigd)

Stadium van de wezens waarvan de Geboorte gevestigd, d.i. vast verzekerd is. Synoniem voor shōjōju (Sanskr. samyaktva-niyata-rāsi). In Kōsō-Wasan, 51 zegt Shinran: “Waar geen vastgevestigd gemoed (ketsujō) is, daar is het denken aan de Boeddha niet permanent aanwezig”. In KGSS III, 66: “Het Gevestigde Gemoed is het Onovertroffen Hoogste Gemoed (mujōjō-shin). ‘Ketsujō’ komt o.a. voor bij Shantao (Sanzen-Gi).

Ekō 39

Glossarium Voor Het Shin-Boeddhisme

jikōji - 慈光寺

© 2004

info-at-jikoji.com

          home