Mattoshō (6)

Lamp Voor Latere Tijden

Brieven van Shinran

Deze brief werd door Shinran geschreven in een jaar van grote hongersnood en pestilentie toen hijzelf 88 jaar oud was; de brief geeft zijn gevoelens omtrent dood en sterven weer. Zich bewust van zijn naderende einde, schrijft hij zoals een mededogende vader aan zijn kinderen zou schrijven. De brief, die aangrijpend is in zijn eenvoud, stelt dat bij de confrontatie met de dood er geen schoolse kennis en geen morele deugden vereist zijn. Alleen shinjin is noodzakelijk.

Het is bedroevend dat zovele mensen, zowel jong als oud, mannen en vrouwen, dit jaar en vorig jaar zijn gestorven. Maar de Tathagata was de vergankelijkheid van ons leven zo indachtig dat het ons niet moet beangstigen.

Ik, voor mijn part, hecht geen betekenis aan de goede of kwade toestand waarin een persoon zich in zijn laatste ogenblikken bevindt. Mensen in wie shinjin is, twijfelen niet en zij vertoeven onder de waarlijk gevestigden. Daarom is hun einde zelfs voor de onwetenden en de dwazen een blij einde.

Gij hebt aan de mensen uitgelegd dat men door de werking van de Tathagata de geboorte bereikt; zo is het en niet anders. Wat ik u gedurende zovele jaren heb gezegd, is niet veranderd. Bereik eenvoudigweg de geboorte, elk schools debat vastberaden vermijdend. Ik herinner mij de woorden van wijlen Meester Hōnen, toen hij zei: “De persoon van de Jōdo-traditie bereikt de geboorte in het Boeddhaland door zijn dwaze zelf te worden.” Bovendien herinner ik mij dat hij glimlachte wanneer hij nederige mensen, zonder intellectuele pretenties, die hem kwamen bezoeken, bekeek. “Hun geboorte is zonder enige twijfel gevestigd.” En na het bezoek van een zeer geletterd en in het debatteren bekwaam man: “Ik twijfel echt aan zijn geboorte.” Zulke dingen komen dezer dagen bij mij op.

Elk van jullie zou de geboorte moeten bereiken, zonder door de mensen misleid te worden en zonder aan shinjin te twijfelen. De beoefenaar daarentegen in wie shinjin niet is gevestigd, zal blijven rondzwalken, zelfs zonder dat hij door iemand wordt misleid, omdat hij niet vertoeft onder de waarlijk gevestigden.

Wees zo goed datgene wat ik hier geschreven heb aan anderen door te geven. Met respect.

Bun’ō 1 (1260) - 11de maand, 13de dag

Zenshin op 88-jarige leeftijd

Aan Jōshin-bō

Vertaald door H. Eerdekens, naar de Engelse uitgave “Letters of Shinran”, Shin Buddhist Translation Series 1, Kyoto 1978.

Ekō 42

Mattoshō

jikōji - 慈光寺

© 2004

info-at-jikoji.com

          home