Wat is Boeddhisme?

Agnieska Jedrzjewska

Een toespraak gehouden op 22 juni 1991 in de Honganji tempel te Okazaki (Japan).

Wat is boeddhisme? Een wijsbegeerte? Een religie? Of allebei?

Dat hangt er vanaf. Het hangt af van het standpunt dat men inneemt en van de gemoedsgesteldheid waarin men zich bevindt.

Voor sommigen is het boeddhisme één van ‘s werelds grote filosofieën. Voor anderen dan weer is het een geloof, voor anderen weer een ethisch systeem dat de mogelijkheid biedt “meer wens te worden”. Voor anderen nog is het een onderdeel van de menselijke cultuur. En ten slotte zijn er dan ook de mensen die vinden dat het de essentie van het leven is.

Wanneer je in het boeddhisme de hartklop van je eigen bestaan terugvindt, dan zit je alleszins goed. De Leer van de Boeddha zal voor je werken, zal je een effectieve transformatie van je ingesteldheid geven. Deze transformatie betekent voor jou bevrijding uit de illusie die onwetendheid genoemd wordt en gesymboliseerd wordt door duisternis; ze bezorgt je tevens de wijsheid die ‘Zo-heid’ genoemd wordt en door licht wordt gesymboliseerd. Wanneer je dan het doel - de verlichting - verwezenlijkt, dan heb je “alles veroverd”.

Ik ben uiteraard een praktisch ingesteld persoon. Ofschoon ik wel Doctor in de Wijsbegeerte ben, ben ik geen filosoof. Het is Jodo-Shinshu die voor wij de ware essentie van het leven betekent. Ofschoon ik in mijn leven heel wat toestanden ervaren heb: arts, medisch onderzoeker, wetenschappelijk verantwoordelijke, waar ook moeder, echtgenote of gewoonweg ‘vrouw’, toch schijnt geen enkel van die toestanden me echt reëel. Ze zijn als beelden in een droom, zonder werkelijke kleuren, in een droom… waar alles kleurvol genoeg kan overkomen om angst te wekken, - waar dat alles is nog steeds geen werkelijkheid. Het is allemaal een droom.

Maar het onophoudelijk kloppend hart van Tariki raakt me, en zo werd ik wakker geschud en overgezet in een nieuwe kwaliteit van het leven. Tariki, dat is de Ander-Kracht, de Kracht van de Voortijdelijke Gelofte, de Kracht die belichaamd wordt in de Naam van de Boeddha, de Myogo. De onmiddelbare ervaring van Tariki wordt Shinjin genoemd. En dat is de fundamentele verwerkelijking die de Shin-volgeling nastreeft. Tariki, net als het Boeddhaschap, ligt buiten het bereik van de menselijke verbeeldingskracht, ver buiten elke mogelijkheid van uitdrukking. Alle woorden die de mensen gebruiken om “het” te beschrijven bezorgen niet de minste bijzondere kennis of betekenis. Maar het is via de rechtstreekse, niet-intellectualiserende ervaring van Tariki dat we een sluitende, empirische kennis kunnen verkrijgen van al het bestaande, onszelf daarbij inbegrepen, het weten dat alles veranderlijk is, dat alles frustrerend is, dat alles zonder essentie is en dat er toch een bestaansvorm van zaligheid is: het nirvana.

Hierover kan er heel wat gelezen worden. Heel wat mensen kunnen er bovendien in geloven, maar enkel die persoon die oog in oog met Tariki komt te staan weet dit zonder de minste twijfel. De mens van Shinjin leert doorheen zijn/haar eigen ervaring, weet zoals wij weten dat we van het ene ogenblik naar het andere ademen en dat wanneer we om een of andere reden met ademen ophouden, dat we sterven. Shinjin (en dat is voor mij niet een ‘geloof’!) is een schier wetenschappelijke, empirische ervaring. Shinjin is precies datgene wat me van elk ‘geloof’ bevrijdt, dat wat mij de mogelijkheid biedt het leven te ervaren doorheen de Leer van de Boeddha, en dan blijft er om te leven geen enkele andere mogelijkheid meer over.

Na de eerste ervaring van Shinjin, is er geen ruimte meer voor geloof of twijfel. Er is ook geen angst meer, geen existentiële angst, vermits juist deze ervaring van Shinjin de bevrijding van het gemoed verzekert. Daardoor wordt het duidelijk wat het leven betekent en wat we aan het doen zijn; in dit levensproces. Shinjin is immers iets zeer individueels, zeer persoonlijks, ofschoon alle ervaringen op dit vlak fundamenteel gelijkaardig zijn voor iedereen. Maar het is dezelfde aanspreking voor iedereen ondanks het verschil in talen, zodat het mogelijk wordt dat het kan begrepen worden door elke persoon.

Aangezien Shinjin geen intellectuele gebeurtenis is, maar zich heel wat verder uitstrekt dan het loutere intellect, is Shinjin beschikbaar, verwezenlijkbaar onafhankelijk van onze opleiding, van onze opvoeding of van ons z.g. intelligentiepeil. Iedereen die ook maar één boek over Jodo-Shinshu gelezen heeft, weet dat Shinjin aan de bron ligt van het “diamantharde vertrouwen” in geboorte in het Reine Land, in de omstandigheden die het ons volkomen mogelijk maken het uiteindelijke nirvana te verwezenlijken. Vanuit dit standpunt kunnen we beginnen te speculeren over wat het Reine Land is en wanneer we het kunnen bereiken. We kunnen hiermee aanvangen, maar het zal ons leven in niets veranderen en we zullen ook geen opluchting of verdwijnen van onze frustraties en troebelen ondervinden. Want het is niet via onze eigen inspanning, onze eigen bezorgdheid dat wij ooit het Reine Land kunnen realiseren.

Indien we waarlijk die andere modus van het leven willen beleven die men het Boeddhaschap noemt, dan doen we er beter aan met discussies op te houden en de Nembutsu te verklanken: de Nembutsu te verklanken is het luisteren naar de Naam - het luisteren naar de Naam totdat we de Boeddha zelf horen op alle mogelijke manieren. Dan zullen we spontaan zijn Leer begrijpen. Shinjin is immers de lichtende ervaring dat wij niet bestaan. Het is enkel Tariki dat werkzaam is en dat echt bestaat. Daardoor komt het dat we eigenlijk niets zinnigs kunnen doen om “verlicht te worden”. De werkzaamheid van Tariki erkennen we bijgevolg als een niet-praktijk, vermits het een natuurlijk gevolg van Shinjin is. ‘Niet-praktijk’ behoort tot het niveau van de spirituele verwezenlijking, maar het betekent geenszins ‘niet-werkzaamheid’.

Zolang wij de Boeddha niet horen, hebben we geen betrouwbare leiding. Het zou daarom redelijk zijn alles te doen wat karmisch mogelijk is om toch de Boeddha te horen. De Boeddha horen, dat betekent Shinjin ervaren, dat betekent van gemoed tot gemoed de Boeddha te ervaren. De Nembutsu is de brede weg die ons naar Shinjin voert; maar de opvatting dat enkel de Nembutsu tot Shinjin kan voeren, is eveneens het product van een intellectuele evaluatie van een discriminerende geest. Wat mij betreft, is er enkel de nembutsu. Zo zijn er heel wat wensen die geconditioneerd zijn zoals ik het ben. Maar niet iedereen is zo. Anderen zijn anders geconditioneerd. Mensen die voldoende geconditioneerd zijn om de Naam van de Boeddha te reciteren, zullen uiteindelijk Shinjin verwezenlijken en in het Reine Land geboren worden. Wanneer speelt geen rol. Maar er zijn ook mensen die in de onmogelijkheid zijn de Boeddha bij zijn Naam te noemen.

Wat mij betreft, is Shinran geen “denker”. Hij was enkel een mens die zich inspande de ervaring van Shinjin met anderen te delen, door gebruik te maken van gebruikelijke boeddhistische taalvormen. Twintig jaar besteedde hij aan de z.g. eigen-kracht praktijken; vond ze dan inefficiënt en vertrouwde op de Nembutsu-leer verkondigd door Honen Shonin. Doorheen de Nembutsu ontdekte hij de werkzaamheid van de Ander-Kracht Tariki en verwezenlijkte aldus “niet-zelf en niet-bestaan van zelf-kracht (Jiriki)”. Zijn negatie van Jiriki werd geformuleerd in functie van de niet-doeltreffendheid van Jiriki, en dit geschiedde vanuit het standpunt van de mens van Shinjin. Zijn ervaren van Shinjin beschreef hij als een zuiver persoonlijke ervaring en daardoor kon hij zeggen: “ik heb helemaal geen volgelingen”. Inderdaad: persoonlijk had hij geen volgelingen, geen discipels. En wij volgen hèm niet: wij volgen de Myogo, de werkzaamheid van Tariki doorheen de Naam van de Boeddha. De Myogo-kracht is absoluut universeel en kan iedereen aanspreken volgens zijn/haar mogelijkheden. En ofschoon onze menselijke ervaring van Shinjin verschillend is van de ene tot de andere mens, toch is de fundamentele smaak van Shinjin op elk moment steeds dezelfde.

Zo b.v. voor mij is er helemaal geen Jiriki. Alle persoonlijke boeddhistische praktijken, die zelf-kracht praktijken genoemd worden, gelden slechts als persoonlijke handelingen doordat onze gemoedsgesteldheden voortdurend discrimineren. In feite is het steeds Tariki dat werkzaam is om ons om te vormen naar het Boeddhaschap. Er is geen Ego, bijgevolg is er geen Jiriki. Zo eenvoudig is het. Maar vanuit het perspectief van Ego, zou men Jiriki kunnen duiden als een kracht die ons gemoed aanspoort. Zo was het onbetwistbaar Jiriki dat Shinran ertoe aanzette de Verlichting te verwezenlijken; maar Jiriki onthulde zich als Tariki en heeft dus uiteindelijk zichzelf ontkend.

Het kan heel persoonlijk zijn te ervaren hoe illusoir al wat persoonlijk is wel is. Maar wanneer Shinjin optreedt, doorheen deze spirituele belevenis, die niets anders is dan een gemoed-tot-gemoed contact met het Boeddhaschap, dan start het proces van onze geestesverandering en dat maakt het ons mogelijk in elk stukje van ons leven de Dharma te vatten en te begrijpen. Zo worden we bevrijd van de existentiële angst voor degradatie; dit bezorgt ons een vreugdegevoel dat uitstraalt uit Wijsheid-Mededogen en dat zelfs fysisch ons persoonlijk, dagelijks leven kan veranderen, in deze zin is er geen onderscheid tussen het Reine Land en Shinjin. Het verwerven van Shinjin is reeds een ervaring van het Reine Land. Wij ontvangen alle mogelijke omstandigheden om naar de Dharma te luisteren, een Dharma door Sakyamuni Buddha beschreven als behorend tot het Reine Land. Maar zo gezien, in “mijn” Reine Land “mijn” Hier en Nu.

Agnes Myoshu Jedrzjewska is een wereldvermaarde Poolse neurofysica, hoogleraar in de Fysiologische Neurologie aan de Medische Universiteit van Warschau, en tevens animatrice van de Poolse Jodo-Shinshu Gemeenschap.

Ekō 50

jikōji - 慈光寺

© 2004

info-at-jikoji.com

          home