Wat Betekent De Nembutsu Voor Mij? (1)

Kyoko Nishizaki

Mijn fundamenteel standpunt berust in de vraag wat de nembutsu NamuAmidaButsu in mijn leven betekent. Met deze vraag in mijn geest en gericht op drie punten: de betekenis van de oorsprong van Amida’s Shinjin, de Grote Praktijk en de Nembutsu-beoefenaar, wil ik proberen de betekenis van de nembutsu NamuAmidaButsu in dit artikel te verduidelijken.

I. De betekenis van de oorsprong van Amida Buddha’s Shinjin

Mijn fundamenteel standpunt omvat ook de vraag hoe ik Sakyamuni’s Leer in mijn dagelijkse leven versta. Het is enkel wanneer deze vraag vanuit het volle leven benaderd wordt dat men de vraag hoe Amida’s Shinjin oprijst kan beantwoorden. Wanneer men de Leer van Shakyamuni volgt, waarbij men vaststelt dat ze de gehele levensproblematiek omvat, dat de personaliteit van Shakyamuni die na lange moeilijke praktijken Boeddha werd, zijn volle en indrukwekkende betekenis krijgt. Dit gaat veel verder dan de theoretische inhoud van de Leer die objectief is en bijgevolg minder indruk maakt op het dagelijkse leven. Met andere woorden: zolang men zich niet totaal overlevert aan het volgen van Boeddha’s levenshouding, komt een niet tot contact met de kern van de Leer, nl. het Grote Mededogen als inhoud van NamuAmidaButsu. Of concreter uitgedrukt: wanneer men Sakyamuni’s Leer enkel met het hoofd begrijpt maar niet met zijn ganse wezen, is het onmogelijk de zin van het oprijzen van Amida Buddha’s Shinjin te vatten.

II. De Grote Praktijk

De zin van NamuAmidaButsu, zoals men dit vat met zijn ganse wezen en niet enkel met zijn hoofd, is de Grote Praktijk. Ik zal trachten dit nauwkeuriger en concreter uit te leggen.

(1) De betekenis van NamuAmidaButsu

Om te beginnen wat betekent Amida Buddha voor ons? “Amida Buddha is de bron via dewelke wij het pad van jinen (dharma van zo-heid: de ware werkelijkheid) leren kennen” (Shozomatsu Wasan). Anders uitgedrukt: Amida Buddha roept ons onophoudelijk om te verlangen in het Reine Land geboren te worden, d.i. te ontwaken tot de ware werkelijkheid door middel van de Voortijdelijke Gelofte. Amida Buddha is daardoor niet een statisch symbool van absolute waarheid, maar de uitdrukking van de voortdurende werkzaamheid van het Mededogen. Dit verwoordt zich als NamuAmidaButsu: de Naam. ‘Namu’ is een noodzakelijk en essentieel onderdeel van de Naam. Oorspronkelijk had Namu de betekenis van ‘toevlucht’, maar in het Shinboeddhisme is het ‘de aansporing van de Voortijdelijke Gelofte die ons roept en aanzet tot vertrouwen’ (KGSS II, 34) (4). De Naam, dit zijn de zes ideogrammen na-mu-a-mi-da-butsu, is niet zomaar de naam van Amida Buddha, maar de voortdurende werkzaamheid van Amida Buddha’s Grote Mededogen (de Kracht van de Voortijdelijke Gelofte). Hierin openbaart zich Amida’s Grote Gelofte (de dingen zoals ze zijn in de werkzaamheid van de Voortijdelijke Gelofte). Dit is de Grote Praktijk, d.w.z. de betekenis van NamuAmidaButsu.

(2) De betekenis van de 17de en 18de Geloftes

(a) De betekenis van de Zeventiende Gelofte

Naar het citaat over de vervulling van de Zeventiende Gelofte: “De Boeddha-Tathagata’s in de tien richtingen en talrijk als de zandkorrels van de Ganges, zijn eensgezind in het prijzen van de majestatische kracht en de ondenkbaar diepe deugden van de Boeddha Oneindig Leven” (KGSS I, 4), is de Zeventiende Gelofte de duiding dat Amida’s Voortijdelijke Gelofte vervuld is. Ik wil nu trachten dit concreter te verklaren. Ontelbare Boeddha’s in eensgezindheid, d.i. eensgerichtheid, als één, verwezenlijken Amida’s voortijdelijke Gelofte, spreken de Naam NamuAmidaButsu en prijzen de Gelofte-Kracht. Dit betekent dat de vele Boeddha’s én Amida Buddha één zijn; ze hebben dezelfde Gelofte en mediteren in en over elkaar. Shinran Shonin vermeldt dit aspect als de “Oceaan van het Ene Voertuig” (KGSS II, 84). In deze Oceaan van het Ene Grote Voertuig ligt de vervulling van de Voortijdelijke Gelofte en is Amida geworden tot het voortdurend werkzame Mededogen: de Naam. Dit zijn de zes ideogrammen na-mu-a-mi-da-butsu en niet de vier ideogrammen a-mi-da-butsu. Zo is de betekenis van de Zeventiende Gelofte, nl. de Grote Praktijk.

Inderdaad, deze Oceaan van het Ene Voertuig wordt aangeduid als “de oceaan van Tathagata’s Wijsheid is diep, uitgebreid, grens- en bodemloos. Hij kan niet gemeten worden door de mensen van de Twee Voertuigen: enkel Boeddha’s kunnen hem vatten” (KGSS II, 92). Dit houdt in dat aangezien deze praktijk onmogelijk is voor de mensen van de Twee of Drie Voertuigen, dit zeker voor ons het geval is en dat wij door onze Zelf-Kracht de Naam noch kunnen uitspreken noch prijzen. Het zeggen van de Naam, het prijzen van Amida’s Gelofte-Kracht, namelijk de Grote Praktijk, kan enkel verricht worden door de ontelbare Boeddha’s in de tien richtingen die deelachtig zijn aan Amida’s Verlichting. Daarom is het uitspreken van de Naam volgens de 17de Gelofte “Het zeggen van de Naam als handeling van Ware Vestiging [in de Geboorte].” Dit is de essentie van hetgeen Shinran schrijft in de introductie tot het tweede hoofdstuk: “De Grote Praktijk is het uiten van de Naam van de Tathagata van het Hinderloze Licht”. Hierover gaat hij verder: “Deze Praktijk belichaamt al wat heilzaam is en omvat alle wortels van verdiensten; zo worden alle wezens vlug tot vervulling gebracht. Ze is de schattenoceaan van de werkzaamheden van de Ware Zo-heid, de Ene Werkelijkheid. Daarom wordt dit de grote Praktijk genoemd. Welnu, deze Praktijk ontspringt in de Gelofte van Groot Mededogen.’ (KGSS II, 1).

(b) De betekenis van de Achttiende Gelofte

Wat betekent de nembutsu uitgesproken door de Boeddha’s volgens de 17de Gelofte in werkelijkheid voor ons, levende wezens? Kort uitgedrukt: de zin van die nembutsu ligt in het één-gedachtemoment van Shinjin.

In de mensen treft men aan wat men geweten noemt. Dit geweten/bewustzijn maakt het mogelijk anderen te bedriegen, maar maakt het moeilijker zichzelf te bedriegen. Volgens mij betekent dit vooral dat er de Voortijdelijke Gelofte is, namelijk het Verlangen alle wezens te brengen tot de wereld van zo-heid die vanaf het begin van de beginloze tijd in de diepste diepten van elk wezen aanwezig is.

Anders uitgedrukt: de Grote Praktijk NamuAmidaButsu is steeds gericht geworden op wat vlees en bloed is. Ik denk dat het in elk van ons de geestelijke zin is, de spiritualiteit die diep in elk van ons aanwezig is en wordt tot de essentie van onze levenshouding. Deze religieuze zin maakt het elkeen mogelijk een spiritualiteit of een persoon van wijsheid te ontmoeten, maar ook te horen “hoe Boeddha’s gelofte oprijst… ontstaat en vervuld wordt’, waardoor men vrij van twijfel wordt.

Horen is een zeer belangrijk aspect voor de levenshouding in het Shinboeddhisme. ‘Horen’ is niet enkel het luisteren naar uiteenzettingen over de Leer, maar is het ervaren in zijn ganse wezen van de ware werkelijkheid van de Voortijdelijke Gelofte. Wanneer men geboord heeft “hoe Boeddha’s gelofte oprijst… ontstaat en vervuld wordt” en alle twijfel geweken is, dan ontwaakt men voor het eerst tot de Voortijdelijke Gelofte van Geboorte in het Reine land en wordt men onmiddellijk vervuld van Amida’s deugden. Dat betekent dat men beseft dat men gegrepen is geworden door Amida’s Gelofte sedert het begin van de beginloze tijd en dat men onophoudelijk door Boeddha’s Kracht beschermd wordt ondanks het feit dat men in zichzelf niets dan blinde driften ervaart. ‘Horen’ is het ontwaken tot de diepe realisatie van Amida’s Grote Mededogen (ho no jinshin) samen met de diepe realisatie van de eigen ware natuur (ki no jinshin). Bij het ‘horen’, dat meteen ook ‘ontwaken’ is, worden ho no jinshin en ki no jinshin gelijktijdig ervaren. Dit betekent dat men voor het eerst zich nederig opstelt tegenover het Boeddhaschap én dat men Amida’s Grote Mededogen huldigt. Dat is de inhoud van deze radicale religieuze ervaring die het ene-gedachte-moment van Shinjin is. Inderdaad: ‘horen’ is het ervaren, beleven van Shinjin. ‘Horen’ en Shinjin zijn één. Met andere woorden: de nembutsu (het spreken van de Naam door alle Boeddha’s naar de 17de Gelofte) en Shinjin (het moment dat het eigen gemoed vervuld wordt door Amida’s gemoed) zijn één.

(wordt voortgezet)

(4) De NL-citaten uit Kyogyoshinsho zijn genomen uit Shitoku’s vertaling die in de loop van 1993 door De Simpele Weg zal gepubliceerd worden.

Ekō 55
Wat Betekent De Nembutsu Voor Mij?

jikōji - 慈光寺

© 2007

info-at-jikoji.com
          home