Ho-on Ko Overwegingen

Agnieska Jedrzejewska

Ho-on Ko heeft in de Jodo-Shinshu de speciale betekenis gekregen van het herdenken van het afsterven van Shinran Shonin Bonno en zijn bevrijding uit samsara. Te dezer gelegenheid denken wij met een gemoed van diepen dankbaarheid aan de grote inspanning die Shinran gedaan heeft om de Dharma te verbreiden en om zijn shinjin-ervaring te delen met zoveel mogelijk andere wezens.

Dit is immers de grote lering die de kracht van de Naam aanwijst als de enige oorzaak van de transformatie van het menselijke gemoed in boeddhaschap. En hiervoor zijn geen voorwaarden gesteld, zijn er geen hindernissen!

Dat klinkt heerlijk, dat klinkt beloftevol… en het klinkt zo eenvoudig…

Meestal zijn immers de grote dingen eenvoudig… maar dat betekent daarom niet dat ze gemakkelijk zijn. In mijn vaderland zegt men dat het eenvoudige tegelijkertijd ook het meest moeilijke is.

Voor de mensen in de wereld is het niet gemakkelijk in contact te komen met het Shinboeddhisme. En zelfs wanneer je het Shinboeddhisme op je levensweg ontmoet, blijft het probleem van het te begrijpen. En zelfs wanneer je het begrijpt, blijft er de cruciale vraag in hoeverre je het waardeert en in hoeverre je voldoende vastberadenheid en energie hebt om de Leer van het Shinboeddhisme te volgen.

Boeddha’s Licht straalt doorheen geheel het universum zonder hindernissen en sedert het onmeetbare verleden. De Kracht van de Boeddha is zo groot dat niets ermee kan vergeleken worden. Boeddha eist geen te vervullen voorwaarde om omvat te worden zijn Gelofte-Kracht. Maar… ofschoon het Boeddhaschap onafgebroken werkzaam is, blijven wij gewoon verder leven als mensen, als niet-boeddha’s. Amida heeft alles voor ons gedaan wat hij kon. De Voortijdelijke Gelofte overtreft alle werkzaamheden van alle boeddha’s. En toch… blijven wij wezens gebonden aan de kringloop van geboorte-en-dood.

Waarom? Is de aard van ons bestaan afhankelijk van onszelf? Van de Boeddha? Of misschien zowel van onszelf als van de Boeddha?

Volgens de Leer van de Boeddha is alles wat ons overkomt perfect oké. Niemand deed het voor ons. Wij hebben het zelf gedaan. Zwervend doorheen samsara sedert het begin van de beginloze tijd zijn wijzelf de scheppers van het eigen leven. Dat we niet zo happy zijn, komt doordat we geen wijze scheppers zijn. We zijn onwetend, dwaas. Heel eenvoudig is het zo dat we eigenlijk niet weten wat we doen. Onze geest kan de Waarheid niet zien. We kennen de regels van het spel niet en daarom is al wat we doen niet van een goede kwaliteit. Ons leven is van geen goede kwaliteit omdat we als scheppers niet veel waard zijn. Onze geest zit vol illusies; in de plaats van Wijsheid, koesteren we onze meningen. Daardoor komt het dat al wat we doen lijden veroorzaakt.

Boeddha’s Licht straalt overal, maar wij zien het niet. De Boeddha wil niets anders dan ons helpen in de mate van zijn mogelijkheden, maar we geven niets om zijn hulpvaardigheid. Soms zelfs kunnen we niet aannemen dat de Boeddha het Ware en Werkelijke bestaan is, en gaan we voort op onze eigen gedachteassociaties.

Maar wat wij ook denken, hoe dwaas we ook zijn, Amida’s Licht blijft altijd stralen en de Kracht van de Voortijdelijke Gelofte blijft onophoudelijk aan onze instelling schaven. Deze werkzaamheid van het Boeddhaschap voelen wij niet doordat wij voortdurend enkel bezig zijn met de illusies die dansen in onze geest.

Het kan lang, heel lang duren vooraleer men Amida’s Licht ziet. We brengen een onnoembaar aantal bestaansvormen door zonder iets van de Boeddha te beseffen. We moeten écht wachten op het goede moment, het zeer, zeer zeldzame moment waarin alle omstandigheden op het gunstigst zijn, om geboren te worden als mens die bij machte is aandachtig naar de Dharma te luisteren.

Kijk maar eens rondom u! Hoeveel mensen, ook zij die geboren zijn in de nabijheid van een boeddhistische tempel, zijn absoluut niet geïnteresseerd in de Leer! Hoeveel van onze vrienden vinden dat ze belangrijkere dingen te doen hebben dan zich bezig te houden met de Dharma!

Bedenk hoe weinig gelegenheid er bestaat om als mens geboren te worden met de mogelijkheid naar de Leer te luisteren. Bedenk hoe belangrijk het is deze gelegenheid niet te verspillen!

Amida Buddha is voortdurend en op gelijke wijze bezig voor ons zijn werk te doen, - zonder voorwaarden te stellen. Zijn Kracht verandert voortdurend het hele heelal. Dat wij deze transformatie niet voelen, komt niet doordat de Kracht van de Boeddha niet groot genoeg is, maar omdat onze geest er veel te verkeerd voor ingesteld is. Onze bonno zijn te zwaar; onze vuilnisbelt is te groot en daardoor kunnen we de Boeddha niet zien of horen. Maar hij is ons voortdurend aan het roepen: “Kerel ik wil je helpen! Roep mijn naam, dat is alles! Je zal je dan fijner voelen, je zal de weg naar het einde van je problemen voelen. Roep mijn Naam: Namu Amida Butsu! Namu Amida Butsu! Namu Amida Butsu!”

Het is ook een bonno dat we Namu Amida Butsu niet horen en dat we er niet op kunnen antwoorden.

Shinran verkreeg een inzicht in zijn bonno en de vrees beving hem dat hij nooit ofte nooit de Verlichting zou verwezenlijken. Maar doorheen zijn bonno kwam de roep van Amida. En de Nembutsu bracht voor Shinran het oprechte gemoed, het vreugdige vertrouwen, het spontane begrijpen van de Leer, de ervaring dat alle dingen precies dezelfde smaak hebben.

Dat betekent dat de Nembutsu aan Shinran Shonin Shinjin schonk. En het is omwille van Shinjin, die gemoedstoestand van contact met het Boeddhaschap, dat Shinran in staat was geheel de Lering betreffende de Naam en diens werkzaamheid uiteen te zetten.

Shinrans boodschap is voor ons zo belangrijk omdat hij niet schreef over zijn eigen gemoed. Hij was geen denker. Hij herschreef de Leer van de Boeddha zoals die via de Nembutsu door hem ervaren werd. En het is juist doordat hij naar de Boeddha luisterde dat zijn verslag over Shinjin voor ons zo nuttig en zo inspirerend is.

Is het niet prachtig te weten dat Amida Buddha dààr is om ons op elk ogenblik bij te staan? Maar het is ook goed dat we weten dat we ons best moeten doen om te groeien naar de ontmoeting met de Boeddha. Met de wetmatigheid van karma kan met geen mirakels verwachten. We kunnen geen boeddha worden zolang we er niet rij voor zijn. We moeten groeien, we moeten volwassen en rijp worden. Elk van ons is beperkt door zijn/haar mogelijkheden. Willen we onze karmische situatie verbeteren, dan moeten we beroep doen op de Boeddha. Willen we in het Reine Land geboren worden, dan moeten we zijn Naam roepen.

Het is immers doorheen zijn Naam dat we verbonden worden met de verdiensten van alle boeddha’s. Dan transformeert het Oneindige Boeddhaschap onze Bonno in werkzaamheid ten bate van alle wezens.

Shinran is hier een mooi voorbeeld van. De Boeddha is tot hem gekomen zoals hij was, met bonno en al. Deze aanwezigheid van de Boeddha in hart en geest erkende Shinran als het Ware Reine Land. Inderdaad: Shinran verwerkelijkte het Reine Land terwijl hij nog in der samsarische wereld vertoefde. En dan kon hij zeggen: “Hoe simpel! Je moet de Naam maar roepen!”

Het is doordat wij verdwaasd en pretentieus zijn dat wij onbekwaam zijn het directe Boeddhaschap te zien, dat de Boeddha ons roept doorheen mensen zoals Shinran Shonin, de mens die tegelijkertijd in samsara en in het Reine Land leefde. Shinran is het duidelijke voorbeeld dat er geen hindernis bestaat voor mensen die oprecht naar het Boeddhaschap zoeken.

De Naam roepen! Doe het! Eerst word je niets gewaar. Dat is niet omdat de Naam niet werkt, maar omdat je bonno je onbekwaam maakt te zien, te voelen, te luisteren naar de Boeddha.

Door de Nembutsu heb je de gelegenheid dat de Boeddha je bonno overneemt. En dat is dan het moment waarop je de Boeddha zal horen.

Onze leraars spreken ons over Jiriki Nembutsu en Tariki Nembutsu.

Dat betekent niet dat er twee soorten Nembutsu of twee soorten Namen zouden zijn. Het onderscheid ligt immers niet bij de Naam, maar enkel bij onszelf. Wanneer onze bonno machtig zijn, hebben we moeite om de Boeddha in zijn Naam te herkennen. Dan spreken we de Naam uit met het oog op de toekomstige Geboorte in het Reine Land. Dat is dan de zelfkracht-Nembutsu. Je kan dan op de Boeddha roepen en denken dat er niets tot je komt; je kan dan overstappen naar andere boeddhistische tradities, naar andere religies of gewoon gedegouteerd zijn. Je spirituele ontwikkeling zal echter blijven doorgroeien doorheen desnoods heel wat bestaansvormen, maar uiteindelijk zal je terug naar de Naam keren.

De Naam zal dezelfde zijn, maar jij zal veranderd zijn. En dan zal je op elk ogenblik de stem van de Boeddha herkennen; je zal ervaren welke reuzetaak de Boeddha aan je verricht heeft, met welk geduld en met welke liefde hij je geleid heeft door je gemoed de kans te geven zich te ontwikkelen volgens je eigen bekwaamheden. Je zal je realiseren dat hij dat allemaal gedaan heeft om je met hem het Boeddhaschap te laten delen. Dan zal de ware, diepe dankbaarheid spontaan je hart en geest vervullen.

Je zal de Ander-Kracht ervaren als de enige oorzaak van de transformatie die je ondergaan hebt. Je zal je realiseren dat Shakyamuni geboren werd omwille van de Voortijdelijke Gelofte. Iedereen die de Lering overgedragen heeft, deed dit omwille van de Voortijdelijke Gelofte. En al dat geschiedde enkel en uitsluitend voor jou! Jou alleen!

En je Namu Amida Butsu zal de ware Tariki Nembutsu van diepe dankbaarheid zijn!

Namu Amida Butsu

Ekō 56

jikōji - 慈光寺

© 2007

info-at-jikoji.com
          home