"Priester"? Wat is dat?

Bruno, nu Rev. Yuho B. Van Parijs, spreekt in zijn artikel hiervóór over zijn persoonlijke beleving van ‘tokudo-shiki’, zijn ‘priester-ordinatie. Misschien vraagt dit toch een toelichting. Zeker doordat zo dikwijls beklemtoond wordt dat de Jodo-Shinshu feitelijk een lekenbeweging is.

De gebruikte term ‘priester’ valt vanzelfsprekend buiten de betekenis die er in de R.K.-traditie eraan gegeven wordt. Een boeddhistisch ‘priester’ is noch een tussenpersoon tussen God en de gelovigen noch een bedienaar van sacramenten, de twee typologische kenmerken van een katholieke priester. De boeddhistische ‘priester’ is hoogstens degene die voorgaat in een ‘gemeente’, een leraar primus inter pares, maar noch spiritueel noch sociaal noch moreel ‘hoger’ dan de doorsnee leek.

Bovendien is hij geen ‘monnik’, zeker niet in de Jodo-Shinshu, waar meer dat 700 jaar geleden Shinran Shonin uit kloosterverband én -discipline (vinaya) getreden is. Hij is bijgevolg niet gehouden aan bepaalde beperkingen (als b.v. celibaat, vegetarisme); hij wordt verondersteld met zijn beide voeten in de wereld van de dagelijksheid te staan. Zijn taak ligt duidelijk omschreven in de geloften die de ‘priester’ bij tokudo-shiki aflegt: “You shall live your daily life as a priest in a fitting manner, following the four teachings of faith in Amida, thanksgiving for salvation, gratitude to the masters and obedience to the order of the Hongwanji. Take the words of the Patriarch Zendo (Shan Tao) who said: ‘Have faith in that which you teach others,’ and spread the teaching of Jodo Shinshu to all the countries of the world and in this way fulfill the duties of your priesthood in the fullest meaning of the post.”

Men kan allicht enkele opmerkingen maken over de Engelse vertaling van de tekst, maar de bedoeling ervan is toch duidelijk.

Opmerkelijk voor de Jodo-Shinshu is ook dat er slechts één enkele ‘priester’-graad bestaat: tokudo (letterlijk is dit ‘registratie [nl. in de tempellijsten]’). Zelfs de Hoofdabt van Nishi-Honganji heeft net dezelfde ‘ordinatie’ ontvangen als onze Bruno.

Er wordt wél op zekere manier een ‘academisch’ onderscheid gemaakt. In de ‘academische hiërarchie’ bestaat er een reeks graden, beginnend met kyōshi (‘dharma-meester’, zowat equivalent aan de christelijke Doctor in de Theologie), en opklimmend tot kangaku, het raadgevende hoge ‘lichaam’ dat belast is met uitspraken in doctrinale betwistingen, zoiets tussen het R.-K. kardinalencollege en de Vaticaanse Rota.

In sommige Shin-middens geldt de mening dat een ‘volwaardig’ tempelpriester’ (jushoku) de kyoshi-graad dient te hebben. Dit verklaart o.m. hoe het komt dat er in Europa momenteel slechts drie erkende Shin-tempels (-ji) zijn (in chronologie van de officiële inhuldiging: Antwerpen, Genève, Düsseldorf).

De ‘assistent-tempelpriester’ wordt in de meeste gevallen aangesteld door de tempelpriester (in Amerika door de ‘congregation’ op voorstel van de B.C.A.-’bishop’). Daar waar een tempel familie-eigendom is (courant verschijnsel in Japan) is de assistent-tempelpriester meestal de zoon of schoonzoon van de jushoku en bijgevolg ook de erfgenaam van de tempel.

Buiten dit zg. priesterschap kent de Nishi-Honganji nog twee leken-ordinaties’:

- de Drievoudige Toevlucht (ki-e-shiki), algemeen in de meeste boeddhistische stromingen. Deze ‘wijding’ betekent dat de kandidaat zichzelf als boeddhist erkent en een boeddhistische levensvisie nastreeft. Deze ki-e-shiki is een louter tempelgebeuren en de tempelpriester is voor deze ceremonie bevoegd.

- het Bevestigingsritueel (kikyo-shiki) is de feitelijke toetreding tot de Jodo-Shinshu Gemeenschap. Enkel de Hoofdabt (Go-Monshu) of zijn hiervoor gevolmachtigde kan hier officiëren, zij het ook op voorstel van de tempelpriester. Kikyo-shiki kenmerkt zich uiterlijk door het toekennen van een dharma-naam (hō-myō) en van een kesa, een smal brokaat dat rond de nek wordt gedragen en waarvan de uiteinden worden bijeengehouden door middel van een oranje vlechtwerk.

Men bedenke evenwel dat deze ‘graden’ en ‘kentekens’ in de eerste plaats organisatorische ‘middelen’ (Skr. upaya, J. hōben) zijn. Shinran zegt duidelijk dat het énige dat van belang is, dat is shinjin. Het is dààrop dat de Shinboeddhist zich dient te concentreren.

Ekō 63

jikōji - 慈光寺

© 2007

info-at-jikoji.com
          home