Seks En Boeddhisme

In het maartnummer van Metta, het maandblad van de Honpa Hongwanji Mission of Hawaï (Honolulu) verscheen een bijdrage van Rev. Ken Tanaka i.v.m. een - zeker in de USA - heet hangijzer: seks. Ofschoon de auteur van het artikel benadrukt dat - bij gebrek aan formele richtlijnen vanuit de Leer van de Boeddha het enkel gaat om een strikt persoonlijke visie, meen ik dat het tóch interessant is ook in Eko deze knelpunten even te belichten. Het spreekt echter vanzelf dat ik bepaalde aspecten die me té Amerikaans overkwamen, wat herwerkt heb in onze Europese zin. (Shitoku)

Hoe zou je zaken die gekoppeld zijn aan seksualiteit en geslachtelijke problemen benaderen vanuit een Jodo-Shinshu perspectief?

Eens werd ik gevraagd een antwoord te geven op een krantenartikel “Sexual Ethics in Religious Institution”. De diverse categorieën waren omschreven en ik heb zowat het volgende geantwoord:

Het Boeddhisme is in de eerste plaats begaan met persoonlijk ontwaken naar de geestelijke waarde van wijsheid of besef en de ontplooiing van mededogen. Doordat boeddhistische geestelijke inzichten niet automatisch leiden naar zwart/witte uitspraken wat betreft ethische zaken die op eenieder toepasselijk zouden zijn en dat in alle omstandigheden, dienen individuele boeddhisten elk voor zich na te denken om, steunend op hun eigen spirituele inzichten, elk tot eigen conclusies te komen. De boeddhistische leringen zijn niet gericht op ieders aankleven van een strakke moraal waarin goed en kwaad tegenover elkaar worden afgewogen. Een gevolg daarvan is dat boeddhistische groeperingen zich over het algemeen hebben onthouden van absolutistische standpunten op het ethisch vlak in te nemen, waaronder de seksueel-ethische problematiek waarover het in deze bijdrage gaat (uiteraard is dit niet toepasselijk op monniken en nonnen die bepaalde voorschriften aangaande seks op zich genomen hebben).

Ofschoon geestelijke inzichten niet leiden tot ethische absolute uitspraken, zijn er toch enkele basisprincipes waarop een individu zich in zijn persoonlijke keuze kan laten leiden aangaande zijn of haar ethische beslissingen. Deze basisprincipes kan men als volgt situeren:

1) ik zal trachten aandachtig te zijn en de verantwoordelijkheid voor mijn handelingen niet te ontlopen;
2) ik zal trachten geen lijden te veroorzaken aan andere wezens; en
3) ik zal pogen anderen niet te oordelen of te veroordelen, vermits ook ik verre van volmaakt ben.

De hierna uitgedrukte meningen zijn bijgevolg louter individueel en mogen noch aan de Boeddha noch aan boeddhistische instellingen aangewreven worden; ze zijn bedoeld voor leken (dus ook voor de niet-kloosterlijke clerus) binnen de hedendaagse westerse context.

Teenage seks: eigenlijk sterk af te raden, want gelet op de onrijpheid van de leeftijd, kunnen teenagers noch de verantwoordelijkheid noch de voorzorgen op zich nemen wat betreft een eventuele zwangerschap of de gevolgen van geslachtelijke ziekten.

Voorhuwelijkse seks: dient ontmoedigd te worden voor minderjarigen, om dezelfde redenen als hiervoor. Anderzijds worden in deze aangelegenheid de volwassenen aangeraden aandachtig te zijn voor de drie basisprincipes.

Masturbatie: eigenlijk geen principieel probleem; het is moeilijk hiervoor een morele veroordeling uit te spreken.

Buitenechtelijke seks: dient (zeker sociaal) afgeraden te worden, vermits het lijden en onenigheid in de gezinnen en families teweeg brengt.

Echtscheiding: kan moeilijk verboden of veroordeeld worden vanaf het moment dat alle pogingen tot verzoening uitgeput zijn.

Abortus: dient ontmoedigd te worden, maar men kan geen veroordeling uitspreken wanneer er écht geen enkele andere oplossing te vinden is; maar de betrokken partijen dienen wél hun (karmische) verantwoordelijkheid op te nemen.

Contraceptie: geen enkele reden om dit niet te aanvaarden.

Gehuwde clerus: in de overtuiging dat ook de clerus kan huwen om een normaal leven te ervaren, huwde de stichter van de Jodo-Shinshu, Shinran Shonin zelf na twintig jaar celibatair kloosterleven en verwekte hij meerdere kinderen. De meeste Jodo-Shinshu ‘priesters’, sedert zowat 800 jaar, zijn officieel gehuwd, eigenlijk een principieel unicum onder de boeddhistische scholen, ofschoon heden ten dage ook andere Japanse boeddhistische scholen hun clerus toelaten te huwen.

Vrouwelijk priesterschap: zeer gebruikelijk in de Jodo-Shinshu. Er is geen enkele doctrinale basis waarop het ordineren van vrouwen zou kunnen afgewezen worden.

Homoseksuele gerichtheid: kan (om karmische gronden) niet veroordeeld worden. Alle wezens worden immers op gelijke wijze door Amida omvat, wat of hoe ze ook zijn.

Homoseksuele handelingen: niet in se te veroordelen, maar vrijwilligheid en de drie basisprincipes moeten in acht gehouden worden.

Ordinantie van homoseksuele priesters: kan principieel niet veroordeeld worden; men dient wél in de dagdagelijkse praktijk rekening te houden met de heersende opvatting van de gemeenschap waarin de homoseksuele priester zijn functie vervult.

Ik kan best beseffen dat sommige van deze uitspraken sommige personen van onze goegemeentes kunnen storen, zeker in de seksueel geladen atmosfeer, vol blijkbare pedofilie, die België momenteel politiek en juridisch littekent. Dat is dan een persoonlijke ik-houding stellen tegenover een ik-situatie. Men bedenke hierbij de Oneindigheid van het Boeddhaschap in Wijsheid/Mededogen tegenover de individuele veroordelingskes van u of mij.

(Shitoku)

Ekō 73

jikōji - 慈光寺

© 2007

info-at-jikoji.com
          home