Regenboog-Nembutsu - Shojin - Itadaki-Masu

Regenboog-Nembutsu

Toshio Murakami

Tijdens een verkwikkende wandeling, vroeg in de morgen op het sportterrein van de Universiteit van Hawaii, zag ik hoe het opkomende daglicht zich reflecteerde op de wolken en de heuvels. Plotseling werd ik overweldigd door een regenboog boven de noordwestelijke heuvels: de vroege ochtendmist boven Manoa vergrijsde de frisse lucht en het licht weerspiegelde zich in elke mistdruppel, waardoor zich een diepe en serene, rijk geschakeerde kleur ontplooide. Zo projecteerden de donkergrijze wolken zeven kleuren: één helft van de regenboog ontsproot uit de wolk en vervaagde in de blauwe westelijke hemel. De andere helft zweefde los door de lucht.

Hoe buitengewoon mooi was dit toch! Elk mistdeeltje in de wolk verduisterde de hemel, maar het dagende licht raakte elk afzonderlijk deeltje aan, zonder uitzondering.

‘Dat is het!’, riep ik tot de hemel: ‘het licht van Nembutsu raakt alles en iedereen. Hoe donkerder de mist, hoe helderder de reflectie!’

Zo moet ook Shinran aangeraakt zijn geweest door het licht van Nembutsu…

‘Bundels van licht, zesendertig honderd

duizend miljard in aantal,

Stralen schitterend vanuit elke bloem;

Er is niet één plaats die zij niet bereiken.’

O schitterend licht van Wijsheid dat ons hart en onze geest aanraakt, om er de nevel en de dwaze ijdelheid van het zelf op te heffen!

Dank u wel, regenboog. Namu Amida Butsu.

(‘Geplukt’ van aloha.net)

Shojin

In het shinboeddhisme heeft het woord shojin volgende betekenis: ‘volgehouden toewijding en onthouding van onheilzame daden; toekering tot het heilzame en verering van de Dharma.’

Maar in het dagelijkse taalgebruik heeft shojin een veel engere en meer beperkte betekenis gekregen dan oorspronkelijk: daar betekent het: ‘zich onthouden van het eten van dierlijk vlees’.

In Japan wordt op de dag dat een memoriaaldienst wordt gehouden, shojin in acht genomen. Dan neemt men niet enkel enkel vegetarisch voedsel tot zich, maar tezelfdertijd wordt hiermede de diepe waardering voor het leven uitgesproken door zich te onthouden van het nemen van leven. Tevens wordt met shojin de toewijding aan de Boeddha-dharma, en aan het éénsgericht ‘horen’ van het mededogen van Amida Buddha herbevestigd.

In de Jodō Shinshū wordt men niet verplicht tot een vegetarische levenswijze. Men kan zich afvragen waarom er dan shojin voedsel wordt opgediend op memoriaal-dagen.

De reden hiervoor is dat het boeddhisme respect aanleert voor alle levende wezens, en ons aanmoedigt ons te onthouden van het nemen van leven. Tezelfdertijd mag men niet vergeten dat er geen dag voorbij gaat zonder dat andere levens opgeofferd worden om ons verder te laten leven. Maar toch kunnen wij in onze houding tegenover het leven uiting geven van ons respect.

De Jodō Shinshū leert ons dat alle beperkingen van de eindige wezens die wij zijn, door het oneindige mededogen van Amida Boeddha zullen omgevormd worden. Men moet zich hier altijd bewust van zijn, wanneer men aan shojin denkt.

Maar ter gelegenheid van een memoriaal, wanneer we een overledene gedenken, moeten we, ten minste op die dag, spijt betonen voor alle levens die werden geofferd voor ons welzijn en met deemoed shojin voedsel tot ons nemen.

                            (Uit: Jodō Shinshū Handbook for Laymen)

Itadaki-Masu

‘Itadaki-masu is de shinboeddhistische manier om dank te betuigen voor het voedsel dat voor ons op tafel ligt. Aan dit voedsel zegt men zoiets als ‘Dank u om uw leven te geven, zodanig dat mijn eigen leven kan verlengd worden.’ We danken het leven van groenten en planten, van vissen en gevogelte, van dieren en andere levende wezens. Ze offeren hun leven, zodat wij ons menselijk leven kunnen verlengen.’ (T. Unno in ‘River of Fire, River of Water’)

***

‘Zo is een mooi Shin-gebruik vóór de maaltijd de handen in gasshō

samen te brengen en te zeggen ‘Itadaki-masu’, letterlijk ‘hiervan zal ik eten’. Bedoeling is op dat moment zijn dankbaarheid te uiten voor al wie en al wat bijgedragen heeft tot de mogelijkheid het voedsel te nuttigen. Neem b.v. een gewoon stuk brood: moeder de vrouw, de bakker, de maalder, de boer, de grond, het zaad, de regen, de zon…in feite een oneindige reeds wezens…voor die éne boterham. (Sh. A. Peel in het Editoriaal Eko 59)

Ekō 87

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home