Bodhisattva’s In De Wereld.  Een Tempelrede

Het tweede vers van de hymne Juseige (die we zopas hebben gezongen) gaat als volgt:

“Zo ik doorheen ontelbare kalpa’s geen helper in nood zou worden,

geen redder van de lijdende wezens,

moge ik dan geen Volkomen Verlichting verwezenlijken”.

Hier is overduidelijk een bodhisattva aan het woord.

 

Het beeld van de bodhisattva is iets wat mij altijd heel sterk heeft aangesproken en mede bepalend is geweest in mijn keuze voor de Jodo-Shinshu.

Zij of hij is het ideaalbeeld van het mahayana - boeddhisme en ik ken weinig teksten die mij zo ontroeren als ‘Het Bodhisattva - Ideaal’, waaruit ik graag het volgende citeer:

“Ik neem op mij de last van alle lijden. Ik ben daartoe besloten, ik verdraag die last, ik keer me niet om, ik vlucht niet, ik sidder of beef niet, ik vrees niet, ik deins niet achteruit, ik geef niet op.

En waarom doe ik dat? Omdat ik onvoorwaardelijk de last van alle wezens op mij wil nemen. Dat is echter niet zomaar mijn eigen wil: het verlossen van alle wezens is immers mijn gelofte”.[3]

Dit is hier nu wel zeer ernstig en heldhaftig geformuleerd.

In het Vimalakirti-sutra worden ‘leven en werken’ van de bodhisattva op een meer plezante en speelse manier beschreven, maar toch lezen we daar ook het volgende:

“Hij volgt de weg van de armen, … Hij volgt de weg van zieken en kreupelen, … Hij gaat tussen de mensen van de lage standen,… Hij gaat tussen de zwakkelingen, de lelijken, de ellendelingen,… Hij volgt de lotsbestemming van alles wat er op deze aarde leeft, maar hijzelf is erin geslaagd te ontsnappen aan om ’t even welke bestemming”. [4]

Ik heb met opzet dàt geciteerd wat verwijst naar de manier waarop de bodhisattva in het gewone mensenleven staat. Hij gaat de weg van Nirvana, maar verlaat de weg van deze lijdenswereld niet.

En het is vooral dat laatste dat belangrijk is voor ons.

Want wanneer we de bodhisattva als ideaal aannemen, dan nemen we hem ook als voorbeeld.

Dan kunnen we van hem leren hoe in deze lijdenswereld te staan, hoe we dat moeten doen en hoe we aan dat lijden kunnen verhelpen.

Er zijn prachtige verhalen over beroemde bodhisattva’s.

Vimalakirti, bijvoorbeeld, die ziek is en onomwonden zegt:

“Het ziek-zijn van de wezens, dat is de oorzaak van mijn ziek-zijn”…

* * *

Maar ook in onze wereld hier en nu zijn bodhisattva’s nog broodnodig.

Wie dat goed heeft begrepen is Bernie Glassman.

Deze Amerikaanse zenmeester legt heel sterk de nadruk op een sociaal geëngageerd boeddhisme. Het is zijn persoonlijke interesse om anderen te helpen komen tot het bewustzijn van de onderlinge verbondenheid. Hij zegt dat, als je het leven werkelijk als één geheel begrijpt, je dan de ervaring krijgt van een oneindige cirkel die alles omvat.

Maar hoe leer je dat?

Bernie Glassman heeft er een methode voor, die hij “sprongen in de diepte” noemt. Zo’n sprong in de diepte is bijvoorbeeld een straatretraite, waar je tussen de daklozen oefent in bedelen. Of anders: de Auschwitz - retraite, waar je het lijden dat daar culmineerde nog altijd kunt voelen.

Het gaat er dus om dat je je oude denkpatronen leert los te laten, om met een heel nieuwe, vrije en ongebonden kijk de eenheid van het leven te zien en te ervaren dat er tussen jezelf en die bedelaar, tussen jezelf en die asielzoeker, die jood of die zigeuner geen wezenlijk verschil bestaat.

Dat we allen levende wezens zijn die lijden en nood hebben aan verlossing.

Vanuit dat inzicht kun je niet anders dan een sociaal gericht boeddhisme beleven.

En deze ingesteldheid zien we ook in onze directe omgeving.

Verschillende van onze sanghaleden doen aan vrijwilligerswerk: Poverello bijvoorbeeld, of hulp in een bejaardentehuis of waar dan ook…Dit illustreert een sociale bewogenheid en een bekommerd zijn met anderen. Het is iets dat sterk inspirerend werkt voor ons allen, omdat het getuigt van een echt beleven van de leer van de Boeddha.

Want waar kun je de Vier Edele Waarheden beter aan het leven toetsen dan bij de armen, de ouderen, de zieken en de stervenden?

Waar kun je beter de last van het lijden op je nemen, die last verdragen en helend proberen aanwezig te zijn?

Hoe kun je beter de volheid van het leven ervaren dan door er middenin te gaan staan?

Dat ervaren van de eenheid van alle leven leidt onvermijdelijk naar mededogen.

En hoe groter het mededogen, hoe groter het verlangen om anderen te helpen en te dienen.

 

* * *

Laten we ons niet bezighouden met de vraag of en in welke mate we het bodhisattva - ideaal (kunnen) benaderen.

Laten we gewoon leven. Leven en doen. Leven en dienen.

Zoals een échte bodhisattva schreef: “Moge ik een bed zijn als de mensen moe zijn.”

 

Namu Amida Butsu.                                                  

 

[3] Vajradhvaja-sutra, naar een citaat uit Śiksāsamuccaya, door Śāntideva, 7de e. in ‘Aldus heb ik gehoord’ – Basisteksten in het boeddhisme, Shitoku A. Peel, De Simpele Weg, Antwerpen, 1991.

[4] ‘Blijven in de wervelstorm van Samsara – Beschouwingen bij Vimalakirti-Nirdesa’, JikoJi-cahier nr 3, Kocho Katharina Haemers, De Simpele Weg, Antwerpen, 1999.

Ekō 96

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home