Boekbespreking

D.T. Suzuki: De Boeddha van het Oneindige Licht. Leringen van het Shin-boeddhisme – Ankh - Hermes bv, Deventer 2003.

ISBN: 90 202 5231 3

Dit boek is de eerste Nederlandse vertaling van het bekende werk van Suzuki over de Jōdo-Shinshū, dat in 1998 werd herdrukt in de U.S., in een volledig herziene editie, onder de redactionele leiding van Taitetsu Unno.

De overigens vlotte vertaling vraagt om enige aanpassing van de Nederlandstalige shinboeddhist, en dat heeft alles te maken met de vertaling van de typische shinboeddhistische termen. Zo wordt er gesproken van het Zuiver Land, de Oorspronggelofte, Eigenmacht en Andere Macht…Wellicht was de vertaler zich niet bewust van het bestaan van ons Centrum, dat nochtans de bakermat is van het shinboeddhisme in Nederlandstalig gebied…

Suzuki’s ouders hadden een zen-achtergrond, maar zijn moeder beoefende een onorthodoxe vorm van shin-boeddhisme. Hoewel Suzuki’s naam altijd geassocieerd wordt met zen-boeddhisme, bleef hij toch zijn hele leven een innige band met shin behouden. In het boek geeft hij een verfijnd en indringend beeld van de Jodo Shinshu, die hij sterk waardeert. Zo noemt hij shin de meest opmerkelijke ontwikkeling die het mahayana-boeddhisme in Oost-Azië heeft gemaakt, als laatste evolutie en hoogtepunt van de Reine Landstroming. Suzuki stelt wel vast dat de leer volgens Shinran zwaar belast is met allerlei vormen van ‘aanslibsels’, die voor de moderne mens niet nodig zijn om tot de kern van de leer door te dringen. Zijn boek - in feite een transcriptie van een door Suzuki gegeven lezing- probeert deze kern uiteen te zetten. Hij start met een historische inleiding, om dan achtereenvolgens de belangrijke thema’s te bespreken. Aan de Voortijdelijke Gelofte geeft hij een originele interpretatie. Zo is deze Gelofte voor hem ‘De Wil van de Bron’, waaruit heel de werkelijkheid is voortgekomen; ‘wil’ dus, eerder dan ‘gelofte’, ‘wens’ of ‘verlangen’, omdat de altruïstische impuls van de bodhisattva’s en Boeddha’s ‘diep verankerd ligt in de menselijke aard, en vermoedelijk in de kosmos zelf’.

Suzuki legt grote nadruk op de oprechtheid en de grootst mogelijke ernst waarmee de volgeling moet wensen geboren te worden in het Reine Land. Eén keer in volle vertrouwen de Naam uitspreken volstaat om de ‘geboorte’ te vestigen…Waarachtige oprechtheid betekent de Naam zonder enige berekening uitspreken, ‘in volmaakte zelfvergetelheid.’ Het vleugje onoprechtheid dat altijd zal blijven bestaan in ons, eindige wezens, zal slechts op het moment van de dood omgevormd worden in Volkomen Verlichting…’

Suzuki besteedt ook veel aandacht aan het principe van ‘niet-zelf’, en aan de ik-illusie die leidt tot het scheppen van dualiteit. De Naam, die buiten ‘tijd en ruimte’ staat, opereert in een wezen dat in de tijd staat en vormt het om tot waarachtige oprechtheid. Suzuki spreekt in verband met de praktijk over een monergisme: er is slechts één kracht werkzaam in het wezen, en dat is Ander-Kracht. Dit staat in contrast tot het ‘synergisme’ zoals deze o.a. in de christelijke leer voorkomt, als een samenwerking van God en de mens, waaruit het heil voor de mens voortvloeit. Suzuki vergelijkt dit laatste met een jong aapje dat zich vastklampt aan de moeder, die haar jong zelf ook omknelt.

Niet zo dus in het shinboeddhisme: hier spreekt hij over een kattenjong dat door de moederpoes bij het nekvel wordt rondgedragen, zonder dat het jong ook maar één inspanning hoeft te doen. Dat is waar de Achttiende Gelofte over gaat.

Verder besteedt Suzuki veel tijd aan de myokonin, de ‘shinvolgeling- met - diep - inzicht’… Hij sympathiseert duidelijk met deze spontane, ‘wonderbaarlijke’ personen. ‘Omdat zij niet erg belezen zijn, is hun geest niet bezoedeld door wereldlijke zaken. Wat zij innerlijk ervaren is niet gekleurd door verstandelijke redeneringen.’

Suzuki stelt heel duidelijk dat over de kern van het religieuze gebeuren niet kan gesproken worden. Alle woorden en taal blijven gesloten zolang wij de ervaring zélf ontberen… Vanwege dit inzicht is Suzuki’s boek een niet-dogmatische benadering van Shin, maar dat betekent nog niet dat het gemakkelijk te begrijpen is.

M.S.

Ekō 99

Boekbespreking

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

          home