Editoriaal

Eind augustus was voor onze sangha een drukke tijd… Ons Centrum had de eer van 24 tot 27 augustus de 13e Europese Shin Conferentie te mogen organiseren in Antwerpen, en dat werd dan ook met veel verve volbracht, o.l.v. Fons Martens en Yuho Van Parijs…Wij zijn hen hiervoor dankbaar, en tevens willen wij Alena, Lut, Peter en René danken voor hun logistieke en morele steun…

Shinmonsama van de Hongwanji-ha in Kyoto heeft het overgrote deel van de voordrachten met grote aandacht gevolgd, en de conferentie ook toegesproken. Het sterkt ons te beseffen dat men in Japan onze activiteiten hoog inschat – en het verheugt ons dat wij daarbij volkomen vrij blijven om zelf onze ‘westerse’ sangha uit te bouwen.

Verder waren er deelnemers uit 11 landen (Europa en Japan) die hun visie brachten over ‘Nembutsu: overcoming secularism and fundamentalism’, het thema van de conferentie.

In volgende nummers van Ekō zullen wij proberen terug te komen op een aantal van deze voordrachten. In dit nummer brengen we alvast de mijmeringen van een dichter, Marcus Cumberlege, op het thema van de conferentie.

Op de conferentie wees Dr. Kenneth Mullen, van de University of Glasgow tijdens een bespreking van het ‘geseculariseerde’ boeddhisme (boeddhistische meditatiepraktijken met het oog op stress- en pijnreductie) op het feit dat het Shin-Boeddhisme niet veel aparte aandacht besteedt aan psychologie. Het uitgangspunt lijkt te zijn dat alle praktijk van Ander-Kracht komt, en het uiteindelijke ervaren van de dingen zoals ze zijn mogelijk wordt door het ontwikkelen van Volkomen Vertrouwen. Dat veel westerse shinboeddhisten zich toch tot Zazen en andere meditatiepraktijken richten, wijst volgens hem wellicht op een gebrek aan Volkomen Vertrouwen…Dit zal in essentie wel juist zijn, maar men moet toch realistisch blijven…Er is niets moeilijker dan het gemoed van Vertrouwen ontwikkelen…

Het is een subtiele kwestie: enerzijds moet er een onderscheid gemaakt worden tussen de intentie waaruit gehandeld wordt: die kan louter praktisch

zijn: men wil zijn rugpijn of de problemen op het werk ‘aanpakken’, en dan kunnen o.a. de psychologische inzichten van de Boeddha ons hierbij helpen. Of de intentie kan louter religieus zijn: vanuit een verlangen naar volkomen inzicht, naar verlichting… Anderzijds staan die twee intenties ook niet helemaal los van elkaar: in beide gevallen is het resultaat immers ‘opheffing van het lijden’ – in mindere of meerdere mate… Inzicht in de mechanismen die ons vastzetten in onze pijn maakt een omgang met die pijn mogelijk. Daarenboven kan dit inzicht leiden tot religieuze gevoeligheid, op welke manier die zich verder dan ook ontwikkelt…Het juiste inzicht geldt voor alle wezens…

In dit nummer brengen wij U de neerslag van een gesprek dat Lut van Schoors had met dr. Dewulf, die in samenwerking met de dienst Psychiatrie van het UZ Gent een lessenreeks heeft opgezet waarin o.a. boeddhistische meditatietechnieken worden gebruikt om depressie en pijnklachten te behandelen.

Dat dr. Dewulf zich expliciet niet als boeddhist profileert heeft m.i. voordelen, want hierdoor wordt de mogelijkheid tot vermindering van lijden geboden aan mensen die zich ver weg willen houden van elke vorm van religie of ‘exotisme’.

Dr. Dewulf zegt dat ‘mindfullness’ betekent vrij worden van kaders; ook dat is een fundamenteel Boeddha-inzicht. Toch heeft men aanvankelijk behoefte aan een kader waarin men alle ervaringen en gedachten kan plaatsen en begrijpen. Maar zoals in de boeddhistische parabel wordt verteld dat het absurd zou zijn het vlot waarmee we de rivier waren overgestoken verder mee te sleuren op onze rug, zo ook moeten we, eens aangekomen op de andere oever van het juiste inzicht, ons ontdoen van alle woordenkramerij en denkkaders. Woorden zijn inderdaad slechts voorlopige middelen om tot inzicht te komen… De vraag is wanneer dit Volkomen Inzicht zich aandient?

In lijn hiermede stelt dr. Dewulf dat het tijdelijk belangrijk kan zijn een goeroe te hebben maar dat je uiteindelijk maar ‘leerling kunt zijn van jezelf’. In Jodō-Shinshū is Ander-Kracht onze uiteindelijke leraar en leidraad: de wetmatigheid van het Onmeetbare leven zélf ritmeert dan ons handelen. Wellicht ligt hier het specifieke van het Shin-Boeddhisme, als een religie die een besef brengt van een diepere dimensie, waardoor zich in de mens een omkering van het gemoed voordoet en de onderlinge afhankelijkheid ervaren wordt. Het principe van de bodhisattva, die doorheen deze onderlinge verbondenheid onverstoorbaar en onzichtbaar werkzaam is, behoedt ons voor wanhoop en machteloosheid in een wereld van haat, oorlog, terreur en onverdraagzaamheid… Wij weten immers dat wij als shinboeddhist actief kunnen participeren aan de geloftekracht van de bodhisattva, en alles altijd mogelijk blijft, óók spiritueel geluk voor alle wezens…

Martine Strubbe

Ekō 102

jikōji - 慈光寺

© 2004

info-at-jikoji.com

          home